Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Boswachters en hulpdiensten werken beter en sneller samen

Boswachters en hulpdiensten werken beter en sneller samen

Milieuboa’s, boswachters van Staatsbosbeheer met handhavingsbevoegdheden, gaan intensiever samenwerken met de politie, brandweer en andere hulpdiensten. Wat betekent dit voor hun werk? Hoe veranderen de toezichttaken? Boswachter Thomas Peek deelt zijn ervaringen.

Staatsbosbeheer heeft de wettelijke taak om zo’n 265.000 hectare aan Nederlandse bossen, natuur en landschappen te beheren. De boswachters zijn gastheer. Zij zorgen dat bezoekers er graag komen én beschermen de landschappelijke en cultuurhistorische waarden van de gebieden. Milieuboa’s – boswachters met handhavingsbevoegdheden – zijn naast gastheer ook handhaver. Ze controleren of de huisregels en de regels op het gebied van natuur en milieu worden nageleefd. Om deze taak optimaal te kunnen vervullen, werken de boswachters van Staatsbosbeheer aan professionalisering en aan meer samenwerking met politie, brandweer en andere hulpdiensten. In de praktijk levert de samenwerking grote voordelen op voor alle partijen, vertelt boswachter Thomas Peek, werkzaam in Noordwijk en omstreken.

Intensiever samenwerken

“De gedachte achter de samenwerking is simpel”, zegt Peek. “Het zorgt ervoor dat boswachters en hulpdiensten elkaar beter en sneller kunnen vinden als ze elkaar nodig hebben.” Om dat te realiseren, waren enkele praktische aanpassingen nodig. Zo worden medio 2017 alle boswachters van Staatsbosbeheer aangesloten op C2000, het landelijke communicatiesysteem waarmee alle hulpverleningsdiensten werken. Op C2000 komen 24/7 meldingen binnen van bijvoorbeeld overlast, ongelukken en geweld.
“Boswachters en hulpdiensten kunnen elkaar beter en sneller vinden.”
Via portofoons krijgen boswachters allerlei meldingen voor hun gebied binnen. Peek vertelt: “In natuurgebieden dragen boswachters een grote verantwoordelijkheid. We zijn vaak als eerste ter plaatse als er iets mis is. Duinen, bospaden en fietspaden hebben geen duidelijke aanduiding, zoals een straatnaam. Dit maakt het voor andere hulpdiensten moeilijk om snel de juiste plek te bereiken. Boswachters kennen het gebied als hun broekzak. Horen wij dat ergens iets mis is – er is bijvoorbeeld een gewonde mountainbiker gesignaleerd – dan kunnen wij daar snel naartoe om eerste hulp te bieden en andere hulpdiensten naar de plek te leiden.”
In de portofoons zitten gps-trackers, zodat de landelijke meldkamer kan zien wie zich waar in een gebied bevindt. De medewerkers van de meldkamer kunnen zo ook boswachters gericht op een locatie af sturen. Omdat ze in dit soort situaties met geweld te maken kunnen krijgen, hebben boswachters handboeien op zak. Ook moet iedere milieuboa jaarlijks een toets afleggen voor geweldbeheersing en aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden. Peek: “We leren hoe we om moeten gaan met geweld. Wat doe je als een situatie escaleert? Wat kun je vóór die tijd doen om de boel te sussen?”

Meer samenwerken voor efficiënte hulpverlening

Met de versterkte samenwerking geeft Staatsbosbeheer invulling aan de oproep van de minister van Veiligheid en Justitie om de samenwerking tussen boa’s en hulpdiensten te versterken. Door krachten te bundelen en intensief in contact te blijven, helpen de diensten elkaar. Zodat ze uiteindelijk sámen het maatschappelijke doel dienen: een prettige leefomgeving.
Als ervaren boswachter weet Peek als geen ander hoe waardevol die samenwerking kan zijn. Hij heeft al meerdere situaties meegemaakt waarin hij de steun van hulpdiensten niet wilde missen. “Op een dag kwam ik een grote auto met geblindeerde ramen tegen, midden in het bos. Ik kon niet zien wie of wat erin zat of lag en wist niet goed wat ik hiermee aan moest. Toen ik via mijn portofoon het kenteken doorgaf aan de meldkamer, bleek dat deze auto op naam stond van iemand die bekend was bij de politie. Daarom nam ik als boswachter afstand. De politie nam het van me over en handelde alles veilig af.”
“In natuurgebieden dragen boswachters een grote verantwoordelijkheid.”
Andersom zijn boswachters van grote waarde voor hulpdiensten. Peek vertelt dat brandweer en Staatsbosbeheer elkaar bij bijvoorbeeld duinbranden heel goed kunnen helpen. “Wij fungeren dan als gids. Waar kan de brandweerwagen komen? Waar moeten we rekening houden met waterwingebied?” Daarnaast anticiperen boswachter en brandweerpersoneel op noodgevallen door samen oefeningen te doen. “We brengen soms een brand in scène en volgen de protocollen om die brand zogenaamd te blussen. Dán komen we er daadwerkelijk achter hoe het contact moet verlopen, waar obstakels liggen en wat dus efficiënter kan.”

Bredere samenwerking

De nieuwe samenwerking werpt in Noordwijk nu al zijn vruchten af. Peek merkt dat de lijnen tussen de verschillende hulpverleners en handhavende organisaties korter zijn, werkzaamheden beter op elkaar afgestemd worden en betrokkenen actief zoeken naar mogelijkheden om elkaar te versterken. “We weten elkaar te steeds meer te vinden. Ik heb weleens meegemaakt dat hulpdiensten bij een incident met geen enkele boswachter contact hadden gezocht en vervolgens halverwege het bos tegen een dichte slagboom aan reden. Die zaagden ze dan maar kapot. De volgende ochtend zaten de boswachters met de schade. Dat soort situaties voorkomen we nu. We zijn optimaal functioneel voor het gebied en iedereen die daarbinnen hulp nodig heeft.”
In de toekomst zal de samenwerking vermoedelijk steeds breder worden. De boswachters van Noordwijk werken bijvoorbeeld regelmatig samen met de boa’s van Katwijk. En zo duiken door heel het land samenwerkingsverbanden op tussen boa’s en hulpdiensten die samen met burgers zorgen voor veilige, mooie natuurgebieden. Boa’s dragen een grote verantwoordelijkheid als samenwerkingspartners; ze kunnen een onmisbare schakel vormen. Peek: “Zoeken we allemaal naar het voordeel van samenwerken, dan kunnen we krachten bundelen en samen optimaal dienstbaar zijn!”