Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Hoogleraar Annetje Ottow: "Goed toezicht vindt niet meer plaats in stilte"

Foto: Judith Dekker / Hollandse Hoogte

Hoogleraar Annetje Ottow: "Goed toezicht vindt niet meer plaats in stilte"

Toezichthouders liggen steeds vaker onder vuur. Transparantie, onafhankelijkheid en media-expertise zijn dan een must. “Een goed imago hangt nauw samen met de mate waarin toezichthouders hun onafhankelijkheid kunnen waarmaken én voor het voetlicht weten te brengen”, zegt Annetje Ottow, hoogleraar en decaan aan de Universiteit Utrecht.

In haar nieuwe boek Market and Competition Authorities: Good Agency Principles introduceert Annetje Ottow de zogenoemde LITER-principes voor goed toezichthouderschap. Het gaat om legality (legaliteit), independence (onafhankelijkheid), transparency (transparantie), effectiveness (effectiviteit) en responsibility (verantwoordelijkheid). “Vooral door de toegenomen vraag naar onafhankelijkheid en transparantie moeten toezichthouders zich meer en meer verantwoorden, vertelt Ottow. “Goed toezicht vindt niet meer plaats in stilte. We leven in een tijd waarin de toezichthouder continu onder het vergrootglas ligt.”

Hoe belangrijk is imago voor goed toezichthouderschap?

“Media volgen kritisch het werk van toezichthouders en de politiek vraagt van inspecteurs steeds vaker een meetbaar resultaat. De druk op toezichthouders neemt toe. Hun publieke imago is daarom met enige regelmaat onderwerp van discussie. Maar misschien is een daadkrachtig optreden in het werkveld wel belangrijker dan de publieke opinie. Als ondernemers op de hoogte zijn van de regels waarop je als toezichthouder toeziet, en als consumenten goed worden voorgelicht over geldende regels, dan vergroot dat de effectiviteit van je inzet. En dat draagt bij aan een sterk imago.”

Is een onafhankelijke positie een voorwaarde voor een positief imago van toezicht?

“Onafhankelijkheid is een van de belangrijkste kenmerken van goed toezicht. Het betekent eigen keuzes en afwegingen kunnen maken, zonder oneigenlijke beïnvloeding door een marktpartij of de overheid. En dat sluit goed aan bij het beeld van een stevige toezichthouder die bestand is tegen kritiek.”

“Onafhankelijkheid betekent ook dat je transparant bent, naar buiten treedt en verantwoordelijkheid aflegt over wat je doet en hoe je dat doet. Helaas is het juridisch gezien nog niet altijd mogelijk om transparant te zijn. De aanbesteding van het openbaar vervoer in Limburg is een goed voorbeeld. Terwijl de Autoriteit Consument & Markt voor de NS bezwarende rapporten naar buiten wilde brengen, slaagden advocaten erin dat lange tijd te voorkomen. Het juridisch getouwtrek over wat wel en niet in het publieke domein mag komen, staat in dat soort situaties transparantie in de weg. Uiteraard is zorgvuldigheid geboden, maar soms zouden we iets minder voorzichtig mogen zijn. Bijvoorbeeld om toezichthouders in staat te stellen tijdig te waarschuwen als het misgaat.”

Hoe kunnen toezichthouders hun imago verbeteren?

“Een goed imago hangt nauw samen met de mate waarin toezichthouders hun onafhankelijkheid kunnen waarmaken én voor het voetlicht weten te brengen. Het schandaal rond de uitstoot van dieselmotoren van Volkswagen zou kunnen betekenen dat de desbetreffende toezichthouders te afhankelijk waren van informatie van de auto-industrie. Dat kan een kwestie zijn van een gebrek aan middelen om eigen onderzoek uit te voeren. Maar het is ook een kwestie van je rug recht houden en kritisch blijven.”

“Media zijn een heel belangrijke speler in het hedendaagse toezichtveld, bijvoorbeeld als het gaat om framing. De tijden waarin je als toezichthouder via een simpel persbericht kon reageren, zijn echt voorbij. Maar er komt veel bij kijken om beeldvorming goed in de hand te houden. Dat vereist van toezichthouders dat ze investeren in media-expertise, maar ook in ondersteunende zaken zoals ICT en sociale media. Tegelijkertijd zijn media een onmisbaar toezichtinstrument om je effectiviteit te vergroten. Bijvoorbeeld voor het onder de aandacht brengen van publicaties, als je mensen oproept om op incidenten te reageren of bij het openen van een meldpunt.”

Wat betekent imagoverbetering voor de rol tussen media en toezichthouders?

“De waan van de dag, agressieve media en de politieke en maatschappelijke roep om transparantie en verantwoording, daar zullen we mee moeten leven. Maar het vraagt van toezichthouders dat die voldoende in staat zijn het uit te leggen als iets niet gaat of als de verantwoordingseisen onrealistisch zijn. Je moet ook stevig in je schoenen staan op het moment dat je onder het vergrootglas ligt. Die kritische blik van media valt in Nederland nog best mee als ik het vergelijk met Engeland. Maar het zou wel fijn zijn als de Nederlandse media eens wat vaker stilstaan bij de dingen die wél goed gaan in toezichtsland.”

Wie is Annetje Ottow?

Annetje Ottow is hoogleraar Economisch Publieksrecht en decaan van de Faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie aan de Universiteit Utrecht. Daarnaast is ze non-executive director van de Britse mededingings- en consumentenautoriteit, de Competition Markets Authority, en bekleedt ze diverse commissariaten. Eerder werkte ze onder meer als advocaat en was ze lid van het college van de Opta.