Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Actal: "Lastenluwer toezicht vraagt lef en overtuigingskracht"

Foto: Hollandse Hoogte / Evert van Moort

Actal: "Lastenluwer toezicht vraagt lef en overtuigingskracht"

Volgens Actal kunnen toezichthouders nog veel doen om het toezicht voor ondernemers lastenluwer te maken. "Er is een wereld te winnen met een open houding en een respectvolle benadering van ondertoezichtgestelden."

Actal, het Nederlandse Adviescollege toetsing regeldruk, heeft op verzoek van minister Kamp een onderzoek uitgevoerd naar lastenluwer toezicht voor ondernemers. Met als doel te kijken of het mogelijk is om de handhaving en het toezicht van wet- en regelgeving lastenluwer te maken – dat wil zeggen: ontdaan van overbodige regels. Voor het onderzoek zijn 75 ondernemers in de Nederlandse glastuinbouw geïnterviewd. De bevindingen zijn aangevuld met inzichten uit andere sectoren. In juni 2015 publiceerde Actal het onderzoeksrapport met daarin concrete aanbevelingen om onnodige regeldruk voor ondernemers weg te nemen.

Hoe is de onnodige lastendruk te verklaren?

“Een toezichthouder wil zo veel mogelijk risico’s uitsluiten. Bij elk incident volgt de roep om meer regels en meer toezicht. Er kan zelfs beschuldigend naar toezichthouders worden gewezen. Toezichthouders zijn er natuurlijk niet op uit om ondernemers te pesten. Maar toch denk ik dat een cultuurverandering nodig is. Er is een wereld te winnen met een open houding en een respectvolle benadering van ondertoezichtgestelden. We hebben zelfs ontdekt dat een juiste attitude echt leidt tot een betere naleving. In Greenport Westland-Oostland, de grootste internationale glastuinbouwsector van Nederland, noemden de ondernemers de toezichthouders niet constructief. Het naleefgedrag was hier 40 procent. In Noord-Holland denken de toezichthouders wel mee met de ondernemers. Het naleefgedrag is hier 85 procent. Dit zou kunnen betekenen dat de houding van de toezichthouder zelf erg bepalend is.”

Welke aanbevelingen bevat het rapport?

“Het belangrijkste advies aan toezichthouders is dat zij het toezicht in goed overleg met een bedrijf inrichten. Natuurlijk moet je voor sommige overtredingen, zoals illegale arbeid, onaangekondigd langsgaan. Maar veel toezicht kan gewoon op een aangekondigd moment plaatsvinden. Als je daarover afspraken maakt met de ondernemer en hij kan bijvoorbeeld aangeven welke maand of welk tijdstip goed uitkomt, scheelt dat veel ongemak. Dan krijg je eerder de volle medewerking van de ondernemer. Daarbij speelt ook een constructieve houding een rol. Laat zien dat je graag aansluit op het bedrijfsproces van de ondernemer en rekening houdt met zijn zaken. Dat maakt het toezicht uiteindelijk gewoon effectiever.”

“Daarnaast moet de feedbackfunctie van toezichthouders veel beter worden benut. Inspecteurs zien in de praktijk op welke manier ondernemers onnodige lasten ervaren. Dat moeten ze terugleggen naar de wetgever. Die kennis en kunde over processen kunnen we benutten. Toezichthoudende instanties kunnen bijvoorbeeld in hun jaarverslag aangeven welke regels moeilijk naleefbaar zijn. Daaruit moet dan blijken welke wettelijke verplichtingen versoepeld kunnen worden of zelfs helemaal niet meer nodig zijn. Denk aan de wettelijke verplichting om jaarlijks te controleren. Met risicogericht toezicht kun je zulke verplichtingen loslaten. En er is nog een effect van die feedbackfunctie: als toezichthouders in hun verslaggeving vastleggen hoe het toezicht lastenluwer kan, zien ondernemers ook dat ze er iets mee doen. Dat verbetert ook weer de onderlinge relatie.”

Is de verwachting dat het toezicht snel lastenluwer wordt?

“Ik heb er zeker vertrouwen in. Toezichthouders zijn zich al bewust van deze kwestie. Er vinden bijvoorbeeld al ‘toezichttafels’ plaats, dus het thema staat hoog op de agenda. Het is een zaak van bewustwording én van goede communicatie. Maar het zal veel energie kosten om daadwerkelijk effectiever en lastenluwer te gaan opereren. Dat vraagt van alle partijen lef en overtuigingskracht.”

Wie is Jan ten Hoopen?

Jan ten Hoopen is sinds 2011 collegevoorzitter van Actal, het Adviescollege toetsing regeldruk. Actal adviseert de regering en Staten-Generaal om de regeldruk voor bedrijven, burgers en beroepsbeoefenaren zo laag mogelijk te maken. Ten Hoopen werkte eerder als zelfstandig ondernemer. En hij was onder meer vicevoorzitter van MKB-Nederland en vicevoorzitter van de Tweede Kamer.

Ervaren ondernemers een grote lastendruk van het toezicht?

“Natuurlijk weten ondernemers wel dat toezicht nodig is. En ze willen ook een goede naleving van de wet. Dat is ook in hun belang, om oneerlijke concurrentie tegen te gaan. Maar de perspectieven van de toezichthouder en de ondernemer zijn zo verschillend. Een toezichthouder of handhaver kijkt vanuit de wet- en regelgeving naar een bedrijf, terwijl een ondernemer vanuit zijn bedrijfsproces naar de wet kijkt. Dat verschil in perceptie leidt tot misverstanden en irritatie.”

“We hebben genoeg voorbeelden gevonden waarbij de ondernemers echt lastendruk ervaren. Denk dan aan een ondernemer die een brandput moest slaan voor voldoende bluswater, terwijl hij werkt met de zwaar giftige chemische stof cyanide, wat absoluut niet geblust mag worden met water. Of een ondernemer die drie keer in een jaar onverwachts bezoek kreeg, terwijl bij geen van die bezoeken een overtreding werd geconstateerd. Of een rozenbedrijf waar door het uitvallen van een motor het schermdoek niet op elke afdeling helemaal dicht zat. Er werd direct een dwangsom aangezegd van 28.000 euro. Bij zulke voorbeelden sluit het toezicht niet aan op de praktijk van alledag en maak je het onnodig belastend.”