Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Expertteam helpt gemeenten in strijd tegen fraude in de zorg

Foto: Hollandse Hoogte - Guus Pauka

Expertteam helpt gemeenten in strijd tegen fraude in de zorg

Een thuiszorgorganisatie die schoonmaakwerkzaamheden declareert als medische verzorging? Of zorginstellingen die sjoemelen met persoonsgebonden budgetten? Als het aan het Expertteam Fraudepreventie en handhaving van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) ligt, krijgt de bestrijding van fraude bij de uitvoering van (jeugd)zorg meer prioriteit. Het expertteam helpt gemeenten bij de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Jeugdwet.

“Welke soorten fraude zijn er? Hoe verhoudt fraudepreventie zich tot handhaving? Welke bevoegdheden hebben gemeentelijke toezichthouders? Het zijn voorbeelden van vragen waarmee gemeenten worstelen”, vertelt Henk Speulman, programmamanager van het Kenniscentrum Handhaving en Naleving van de VNG. Sinds september 2015 is daar het Expertteam Fraudepreventie en handhaving ondergebracht, dat gemeenten helpt om fraude bij de uitvoering van de Wmo en de Jeugdwet te bestrijden. “De belangrijkste rol van het expertteam is om aan de slag te gaan met concrete vragen uit de praktijk. De antwoorden publiceren we op de website, zodat andere gemeenten er weer van kunnen leren.” Tot nu toe beantwoordden Speulman en zijn collega’s over zaken zoals de inzet van sociaal rechercheurs voor controles en de rol van de gemeente bij het onderzoeken van fraudesignalen.

Fraudesignalen

Inmiddels heeft het expertteam, dat bestaat uit adviseurs van de VNG, juristen en gemeenteambtenaren, al een aantal handreikingen ontwikkeld om gemeenten te helpen in de strijd tegen fraude op het terrein van de Wmo en Jeugdwet. Voorbeelden zijn een checklist voor het uitvoeren van fraudeonderzoeken en een matrix waarin staat welke informatie over vermoedelijke fraudeurs handhavers mogen uitwisselen en met wie. Daarnaast organiseert de VNG in februari regiobijeenkomsten waar gemeenten informatie, ervaringen en kennis kunnen uitwisselen.
“Het is niet de bedoeling dat het expertteam fraudesignalen ophaalt”, waarschuwt Speulman. “Maar soms komen er wel meldingen binnen die interessant zijn om te delen met elkaar. We stimuleren gemeenten om verbindingen te leggen. Zo kunnen casussen in verschillende gemeenten vergelijkbaar zijn – vooral als er bijvoorbeeld in de regio een malafide zorgaanbieder actief is.”

Het expertteam verkent ook de mogelijkheid om aan te sluiten bij het meldpunt van de Nederlandse Zorgautoriteit. “Op die manier kan een landelijk meldpunt ontstaan dat fraudesignalen doorgeeft aan gemeenten. Het is dan natuurlijk wel belangrijk dat gemeenten er vervolgens iets mee doen – en veel gemeenten moeten daarvoor nog een voorziening inrichten.”

Huisbezoeken

In het najaar van 2014 maakte het kabinet bekend grote vorderingen te hebben gemaakt bij de aanpak van fraude met overheidsgeld. Zo controleren wetgevingsjuristen standaard of nieuwe wet- en regelgeving niet al te fraudegevoelig is. Daarnaast werken overheidsdiensten intensiever samen om fraudeurs aan te pakken. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft met het oog op de gemeentelijke taken in het sociale domein bovendien extra budgetten gereserveerd. Daarmee kunnen gemeenten meer huisbezoeken uitvoeren om fraude met regelingen en uitkeringen op te sporen.
Het Expertteam Fraudepreventie en handhaving ontwikkelt ook een model-protocol waarmee gemeenten makkelijker huisbezoeken kunnen inzetten voor de handhaving van de Wmo. “We zien zeker de toegevoegde waarde van huisbezoeken: je moet echt bij iemand binnen zijn om de situatie te kunnen inschatten”, zegt Speulman. “Maar daarbij is de inhoudelijke kennis van de zorgproblematiek essentieel. Want je kunt wel gaan handhaven, maar als de zorgvraag blijft bestaan, dan wordt het probleem uiteindelijk niet opgelost. Bovendien is in het overgrote deel van de gevallen een zorgaanbieder de dader of het kwade brein – en niet de zorgbehoevende.”

Slagkracht

Speulman benadrukt het belang van preventie binnen de toezichtstrategie. “Bij de Wmo en Jeugwet gaat het om kwetsbare groepen. En de mogelijkheden om onterecht ontvangen geld terug te vorderen zijn beperkt. We moeten niet alles bij de handhaving willen neerleggen. Artsen, maatschappelijk werksters, wijkteams en Wmo-consulenten kunnen we veel meer in stelling brengen. Als er twijfels zijn over de zorgverlening, kan de consulent meer alert reageren op fraudesignalen. Doorvragen, vermoedens bespreken met collega’s… Het draait om de kunst van het gesprek voeren.” Daarnaast vragen Speulman en zijn collega’s aandacht voor knelpunten bij de uitvoering van wet- en regelgeving. “Vooral gegevensuitwisselingen leveren hoofdbrekens op. Gegevens van Suwinet, UWV en zorgkantoren mogen gemeenten niet zo maar gebruiken bij het toezicht op de Wmo. Daarvoor moeten eerst convenanten opgesteld worden. Dat vermindert de slagkracht.”

Het expertteam heeft al volop plannen om de dienstverlening in 2016 verder te ontwikkelen. “Het is onze ambitie om meer maatwerkadvies te gaan leveren. Maar ondertussen komen er gelukkig al steeds meer best practices die laten zien hoe gemeenten hun rol als toezichthouder op de Wmo en Jeugdwet oppakken.”

‘Gemeenten van de toekomst’

Het Expertteam van de VNG is niet de enige ondersteuning die gemeenten krijgen bij de uitvoering van hun nieuwe taken in het sociale domein. Nu zij verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Jeugdwet, doen zich nieuwe handhavingsvraagstukken voor. Daarom heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken het programma ‘Gemeenten van de toekomst’ gelanceerd. Op het webplatform kunnen gemeenten onder andere nuttige handreikingen, goede voorbeelden en informatie over bijeenkomsten vinden.