Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Winkelpersoneel ingezet in strijd tegen zelfgemaakte explosieven

Winkelpersoneel ingezet in strijd tegen zelfgemaakte explosieven

Winkels die potentiële grondstoffen voor explosieven verkopen, zijn sinds juni 2016 verplicht om verdachte transacties te melden. De implementatie van de Wet precursoren voor explosieven verloopt relatief soepel, vertellen betrokkenen.

Gootsteenontstopper, kunstmest, nagellakremover. Het zijn ogenschijnlijk onschuldige producten. Maar ze kunnen dienen als grondstof (scheikundig: precursor) voor een zelfgemaakt explosief. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) houdt in het licht van de huidige terroristische dreiging serieus rekening met het gevaar van deze (en andere) chemische producten.
Om ervoor te zorgen dat de verkoop van potentieel explosieve producten wordt ontmoedigd, zijn winkeliers, groothandels, tussenhandelaren en webshops sinds 1 juni 2016 verplicht om verdachte transacties door te geven aan een speciaal meldpunt. Voor de meest risicovolle chemicaliën geldt dat wanneer particulieren deze willen kopen, zij een vergunning moeten kunnen overleggen.
Deze Wet precursoren voor explosieven is een Europese Verordening en geldt dus niet alleen voor Nederland, maar ook voor andere lidstaten. Al vanaf de aanslagen in Londen in 2005 is in Europees verband aan een dergelijke verordening gewerkt.

De Wet precursoren voor explosieven

Onder de Wet precursoren voor explosieven is onderscheid gemaakt tussen twee groepen chemicaliën. De eerste groep bestaat uit risico­volle chemicaliën als waterstofperoxide of salpeterzuur. Hiervoor geldt in Nederland sinds 1 juni 2016 een vergunningplicht voor particulieren. De tweede groep bevat een groot aantal huis-, tuin- en keuken­producten die deze risicovolle chemicaliën bevatten. Deze producten mogen verkocht worden, maar er geldt een meldplicht als er sprake is van een verdachte transactie, diefstal of verdwijning. Dergelijke gebeurtenissen dienen te worden gemeld bij het speciaal hiervoor opgerichte Meldpunt Verdachte Transacties Chemicaliën.

Vraagtekens vanuit de branche

Een van de retailsectoren waarvoor de nieuwe regeling geldt, is de doe-het-zelfbranche. Wouter Weide van branchevereniging VWDHZ vertelt dat de branche in eerste instantie vraagtekens zette bij de verordening. “Winkel­medewerkers proberen klanten zo efficiënt en vriendelijk mogelijk te helpen. Om dan een dergelijke verantwoordelijkheid op hun schouders te leggen, daar hadden wij in het begin best wel moeite mee. Daar komt bij dat de meeste winkelmedewerkers vrij jong zijn en dat het verloop onder hen groot is, wat instructie van het personeel lastiger maakt.”

Wouter Weide

Omdat het om een Europese verordening ging, is de wet ondanks de bezwaren ingevoerd. De VWDHZ heeft wel met de Nationaal Coördinator Terrorisme­bestrijding en Veiligheid nagedacht hoe de wet dan het beste kan worden uitgevoerd. Weide heeft onder meer deelgenomen aan een klankbordgroep hierover.
“Sinds 2006 zijn in nationaal en Europees verband verschillende beleidsopties besproken, waarbij de kosten en de baten van de maatregelen tegen elkaar zijn afgewogen. Hierop is input gevraagd aan partijen die te maken kregen met de wet”, laat de NCTV weten. “De klankbordgroep - bestaande uit relevante partijen uit bijvoorbeeld de chemische industrie, logistiek en detailhandel - is nauw betrokken geweest bij de Nederlandse inzet tijdens de onderhandelingen over de verordening en het opstellen van de nationale wetgeving.”

Instructie van winkelpersoneel

Om winkelmedewerkers bewust te maken van de meldplicht, heeft de NCTV een aantal communicatiemiddelen ontwikkeld. Het is aan de marktpartijen zelf om te beslissen of ze hier gebruik van maken. “De VWDHZ heeft ervoor gekozen eigen middelen te ontwikkelen”, vertelt Weide. “In samenwerking met de NCTV hebben we een poster en een flyer gemaakt die volledig zijn toegespitst op onze leden. We maken ook geen gebruik van de standaard e-learning, maar zijn we druk bezig een extra module over veiligheid en precursoren toe te voegen aan de digitale vakopleiding die we al hebben.”
“We hebben de folder en flyer verspreid onder de leden en faciliteren de digitale vakopleiding. Maar hoe de instructie uiteindelijk wordt opgepakt, verschilt per winkelketen”, vertelt Weide. “Dat heeft onder andere te maken met de organisatiestructuur. Onze leden weten uiteindelijk zelf wat de beste manier is om hun personeel te bereiken.”
“Winkeliers zijn nu nog waakzamer en bewuster dan ze al waren.”
En de jonge en onervaren personeelsleden? Is het niet een hele verant­woordelijk­heid voor hen? Volgens de NCTV zijn voor jong winkelpersoneel specifieke maatregelen mogelijk. Zo kan een winkel een kassasysteem invoeren, dat vanzelf een melding geeft bij een mogelijk verdachte aankoop. Daarnaast kan een directe verbinding met een centraal meldpunt drempelverlagend werken. Uiteindelijk is het wel de verantwoordelijkheid van de winkelier om gebruik te maken van dit soort voorzieningen.

Wat is een verdachte transactie?

De NCTV omschrijft een verdachte transactie als een aankoop of poging tot aankoop waarbij er redelijke vermoedens bestaan dat het product gebruikt zal worden voor kwaadwillende doeleinden. Gedrag is verdacht wanneer een klant bijvoorbeeld nerveus overkomt, niet weet hoe een product normaal wordt gebruikt of alleen contant wil afrekenen.

Blij met de inspanningen

De wet is erop gericht dat verdachte transacties worden gemeld en zoveel mogelijk gegevens van kopers worden doorgegeven. Het gaat er niet om dat aankopen worden geweigerd. Anders dan bij de Drank- en Horecawet wordt er voor het toezicht daarom geen gebruik gemaakt van bijvoorbeeld mystery shoppers. Wel moeten winkeliers aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILenT) kunnen aantonen dat de informatieoverdracht aan het personeel heeft plaatsgevonden én dat de kennis van het personeel op voldoende niveau blijft.
Volgens Weide is de VWDHZ goed op stoom. “Wat ik heb begrepen is dat de IlenT in eerste inspectierondes vooral veel informatie heeft ingewonnen bij diverse bedrijven en dat het er vooralsnog op lijkt dat het bij de bouwmarkten goed geregeld is.”
De NCTV bevestigt dit. “Wij zijn tevreden met de inspanningen die tot nu toe gedaan zijn vanuit winkels, maar de wet is nog niet zo lang in werking. We zijn nog steeds bezig om te zorgen dat alle winkels die onder de wetgeving vallen, van hun verplichtingen op de hoogte zijn.”
“Het belangrijkste is dat de maatregelen van deze wet drempels opwerpen die het kwaad­willenden moeilijker maken een aanslag te plegen.”

Meer meldingen

Het uiteindelijke doel van de Wet precursoren voor explosieven is ervoor te zorgen dat consumenten minder makkelijk toegang krijgen tot de middelen waarmee aanslagen gepleegd kunnen worden. Weide is tevreden over de manier waarop dit nu geregeld is. “Winkeliers zijn nu nog waakzamer en bewuster dan ze al waren. Dat de NCTV ons zo betrokken heeft, heeft eraan heeft bijge­dragen dat de branche een werkbare manier heeft gevonden om aan de wet te voldoen. Maar het gaat natuurlijk om de meldingen die daadwerkelijk vanaf de winkelvloer komen.”
De NCTV weet te vertellen dat er sinds de invoering van de wet inderdaad tientallen meldingen zijn binnengekomen. Of dat ook tot aanhoudingen heeft geleid, kan de organisatie vanwege het opsporingsbelang niet delen. “Het belangrijkste is”, zo laat een woordvoerder weten, “dat de maat­regelen die voortvloeien uit de wet drempels opwerpen die het (potentiële) kwaadwillenden moeilijker maken een aanslag te plegen. En dat draagt uiteindelijk bij aan de veiligheid in Nederland.”