Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Toezicht met beperkt zicht: met een visuele beperking werken als toezichthouder

Toezicht met beperkt zicht: met een visuele beperking werken als toezichthouder

Biedt het toezichtveld mogelijkheden voor werk voor mensen met een (visuele) beperking? Er zijn talloze toezichttaken die zij perfect kunnen uitvoeren, zegt Richard de Wit van opleidingscentrum Nulla Metus.

Richard de Wit

Richard de Wit werkte tientallen jaren bij de politie. Totdat hij een spierziekte kreeg en zijn werk niet meer zo kon doen als voorheen. Hij verloor zijn baan. “Ik werd niet langer gezien als een toevoegende kracht, maar als een beperkende.” Ten onrechte, vindt hij. “Ook met een beperking kun je uitstekend werken binnen dit vakgebied. Zolang je maar benut wat je nog wél kunt.” Vanuit die motivatie richtte hij in 2012 Nulla Metus (‘Geen angst’) op, een centrum dat veiligheidsopleidingen biedt voor íedereen.

Beperking als voordeel

“Er zijn veel toezichttaken die mensen met een beperking perfect kunnen uitvoeren”, benadrukt De Wit. “Om de juiste taak te kunnen koppelen aan de juiste persoon moet je alleen even zoeken naar wat diegene heel goed kan.” Als voorbeeld noemt De Wit mensen met een visuele beperking. Omdat zij niet (goed) kunnen zien, werkt hun gehoor vaak bovengemiddeld. “Laat deze mensen bijvoorbeeld tapverslagen maken, de letterlijke uitwerkingen van geluidsopnamen van afgetapte telefoongesprekken. Daar zijn ze veel beter in dan mensen die kunnen zien.”
“Om de juiste taak te kunnen koppelen aan de juiste persoon moet je alleen even zoeken naar wat diegene heel goed kan.”

Maatwerk

Nulla Metus leidt ongeveer 250 personen per jaar op. Een groot aantal van hen is al opsporingsambtenaar en volgt de opleiding om gecertificeerd te blijven. Zo’n vier procent van de cursisten heeft een arbeidsbeperking. De Wit: “Wij doen aan maatwerk. Met ieder individu bekijken we de wensen en mogelijkheden en vervolgens richten we een optimaal opleidingstraject in.”
De theorie is voor alle opleidingsdeelnemers hetzelfde, maar de lesmethode verschilt per persoon. “Wie niet kan zien, krijgt gesproken lesmateriaal en kortere lesdagen. Alles horen en onthouden is namelijk veel zwaarder dan lezen en schrijven.” Ook het examen verschilt per persoon. Voor bepaalde praktijkonderdelen geeft het ministerie van Veiligheid en Justitie namelijk vrijstelling. “Een blinde kan nu eenmaal niet bekeuren, omdat hij zag dat iemand door rood reed. En iemand met een dwarslaesie kun je niet zomaar de straat op sturen.”

Marja Overbeek

Boa met beperking

Onlangs volgden twee cursisten met een visuele beperking de opleiding tot buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) bij Nulla Metus. Een van hen is Marja Overbeek. Ze werkte bij de backoffice van de Politieacademie, maar mede door een reorganisatie is daar geen ruimte meer voor haar. Via een collega kwam ze bij De Wit terecht. Drie maanden lang studeerde Overbeek via Nulla Metus op het gesproken studieboek voor de boa-opleiding. “Richard heeft me ontzettend goed geholpen. Hij weet precies hoe de praktijk in elkaar steekt. Ik kon hem alles vragen en hij legde alles uit met voorbeelden.” Dankzij de opleiding mag Overbeek straks als boa aan het werk op het hoofdpolitiebureau in Amersfoort.

Geen beperking

“Er is geen beperking denkbaar die een opleiding bij Nulla Metus in de weg hoeft te staan”, denkt De Wit, die benadrukt dat de arbeidsbeperking vaak samengaat met bijzondere kwaliteiten. “Zo benaderen mensen in een rolstoel de mensen om zich heen bijvoorbeeld op een andere manier dan mensen zonder rolstoel. Ze beheersen gesprekstechnieken uitstekend en weten hoe ze anderen op een respectvolle, effectieve manier moeten benaderen.” Werken voor veiligheid kan bovendien ook vanachter het bureau. De Wit: “In het regionaal servicecentrum van de politie verzamelen medewerkers bijvoorbeeld informatie uit opsporingsregisters. Of ze staan mensen telefonisch te woord. De bevoegdheid hiervoor kun je bij ons krijgen.”

De waarde van beperkten

Om welke beperking het ook gaat, de sleutel tot succes ligt volgens De Wit in maatwerk en individueel contact. Toch is er nog genoeg ruimte voor verbetering. “Er zijn veel mensen met een beperking die thuis zitten terwijl ze fantastisch werk zouden kunnen doen.” Volgens De Wit is het simpelweg onvoldoende bekend dat mensen met een beperking ook opleidingen tot bijvoorbeeld boa of beveiliger kunnen volgen.
“Er zijn veel mensen met een beperking die thuis zitten terwijl ze fantastisch werk zouden kunnen doen.”
Daarnaast staan organisaties nog onvoldoende open voor mensen met een beperking. “Dat is verklaarbaar”, vindt De Wit. “Werkgevers halen zich een grote verantwoordelijkheid op de hals wanneer ze iemand met een beperking in dienst nemen. Het vergt de nodige aanpassingen – of het nu gaat om aangepaste bureaus, speciale computerprogramma’s of bijzondere werktijden. Die investeringen lonen pas bij aanstellingen voor een langere tijd, terwijl werkgevers nieuwe werknemers liefst een tijdelijk contract geven”.
Er bestaat daarnaast ruimte voor verbetering in de houding van werkgevers, die volgens De Wit slechts het risico en niet de waarde van beperkten zien. Regelgeving zou kunnen helpen. “Het zou goed zijn als werkgevers verplicht worden om meer mensen met een arbeidsbeperking aan te nemen.” Nog mooier zou het volgens De Wit zijn als werkgevers intrinsiek gemotiveerd zijn om mensen met een beperking aan het werk te helpen. “Mensen met een beperking zijn gewend heel hard te werken. Ze hebben meestal een enorme wilskracht en krijgen daardoor vaak in korte tijd meer gedaan dan iemand zonder een beperking.”