Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Gedragsbeïnvloeding voor meer verkeersveiligheid

Gedragsbeïnvloeding voor meer verkeersveiligheid

In het Verkeersveiligheidsmanifest roepen 32 organisaties de politiek op om nationale prioriteit te geven aan verkeersveiligheid. Gedragsverandering speelt daarin een belangrijke rol. Een van de ondertekenaars van het manifest vertelt wat de focus op gedragsbeïnvloeding betekent en wat het toezichtveld ervan kan leren.

In de afgelopen twee jaar is het aantal verkeersdoden in Nederland fors gestegen, naar maar liefst 629 slachtoffers in 2016. Ook het aantal gewonden bij verkeersongevallen neemt toe. Ieder jaar raken ruim 21.000 Nederlanders ernstig gewond in het verkeer. Naast veel leed voor de betrokkenen zorgt dit voor hoge maatschappelijke kosten. Verkeersongevallen kosten jaarlijks ruim 14 miljard euro. Bovendien raakt Nederland zijn status als veilig land in rap tempo kwijt. Het is hoog tijd voor actie, benadrukken 32 organisaties die recent het Verkeersveiligheidsmanifest opstelden. Inzichten over gedragsbeïnvloeding zijn daarbij van grote waarde.

Nationale prioriteit: verkeersveiligheid

Een van de partijen die het Verkeersveiligheidsmanifest ondertekende, is SWOV – Instituut voor Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid. Peter van der Knaap is directeur-bestuurder van SWOV en voorzitter van Vide, de beroepsvereniging van professionals in het veld van toezicht. Hij ziet verschillende oorzaken voor de verslechterde situatie. “De mobiliteit in ons land neemt nog altijd toe. De diversiteit van het verkeer neemt toe – denk aan de verschillende elektrische fietsen die op onze wegen opduiken. Daarnaast leiden smartphones de aandacht af. Daar komt nog bij dat Nederland vergrijst; en oudere verkeersdeelnemers zijn kwetsbaarder dan jongere verkeersdeelnemers.”
“De vele uitdagingen betekenen dat de aanpak veelzijdig moet zijn.”
“De vele uitdagingen betekenen dat de aanpak veelzijdig moet zijn”, zegt Van der Knaap. De 32 organisaties doen in het manifest dan ook uiteenlopende aanbevelingen, van het beter inrichten van 30 km/uur-zones tot het produceren van slimmere voertuigen. Alle voorstellen komen voort uit gedragswetenschappelijke inzichten. “Verkeer ís gedrag”, aldus Van der Knaap. “Probeer je maar eens níet te gedragen in het verkeer. Om de verkeersveiligheid te vergroten, moet het gedrag van iedereen die betrokken is bij het verkeer veranderen. Weggebruikers, maar ook bijvoorbeeld wegbeheerders, maatschappelijke organisaties, technische bedrijven en de politie.”

Drie e’s

De gedragswetenschappers van SWOV onderzoeken hoe gedrag beïnvloed kan worden om verkeersveiligheid te vergroten. Daarbij is het uitgangspunt dat drie aspecten een rol spelen: engineering, education en enforcement. In goed Nederlands: inrichting en techniek, opleiding en verkeershandhaving. Van der Knaap vertelt dat alle gedragsverandering begint bij road engineering, dus bij het inrichten van de openbare ruimte. “Een lange, rechte weg van zwart asfalt met witte lijnen nodigt uit om hard te rijden, op een gekronkelde weg van natuurlijk materiaal is die neiging er veel minder.”
Ten tweede is opleiding heel belangrijk. “Weet een weggebruiker aan welke regels hij zich moet houden op een bepaalde weg? Dan overtreedt hij minder snel die regels dan wanneer hij twijfelt. Techniek, zoals een snelheidsassistent, kan daarbij helpen.” Ten slotte kan ook handhaving het gedrag van verkeersgebruikers beïnvloeden: “Weggebruikers kunnen hun gedrag aanpassen om sancties te voorkomen. Handhaving werkt echter het beste als de andere aspecten eerst goed geregeld zijn.”
“Nudging, het positief stimuleren van gewenst gedrag, blijkt effectief. Denk aan de Dick Bruna verkeersborden.”
SWOV gebruikt inzichten uit bestaand gedragsonderzoek in haar eigen onderzoek en publicaties en adviezen. “We weten bijvoorbeeld dat de persoonlijke omstandigheden van een weggebruiker bepalend kunnen zijn voor het juiste gedrag. Hoe moe, geconcentreerd of emotioneel ben je in het verkeer? Daarnaast is bekend dat uitsluitend afschrikwekkende voorlichting met bijvoorbeeld foto’s van verkeersslachtoffers niet werkt. Je moet het persoonlijk maken door te laten zien: het kan jóu overkomen! En je moet bij de waarschuwing altijd een gedragsalternatief bieden. Ook nudging, het positief stimuleren van gewenst gedrag, blijkt effectief. Denk aan de Dick Bruna verkeersborden die automobilisten onbewust aansporen om in schoolzones rustig en veilig te rijden.”

In de kern aanpakken

De missie van SWOV is om met kennis uit onderzoeken bij te dragen aan verkeersveiligheid. Van der Knaap: “In het verleden hebben gedragswetenschappelijke inzichten al voor succesvolle aanpassingen gezorgd. Nederland was lange tijd zelfs een van de veiligste landen ter wereld. Dat heeft ons veel leed en kosten bespaard.”
Van der Knaap besluit: “Wil je goed kunnen optreden tegen ongewenst verkeersgedrag, dan moet je eerst weten wat het huidige gedrag is en wat daaraan ten grondslag ligt. Pas dan kun je het bij de kern aanpakken en mogelijk verbeteren. En dat begint vaak met de weginrichting en met het besef dat veel verkeersgedrag onbewust is.”