Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
“Wetenschapsagenda helpt toezicht verder professionaliseren”

“Wetenschapsagenda helpt toezicht verder professionaliseren”

Binnen het toezicht is er behoefte aan innovatieve, kennisgedreven en risicogerichte aanpakken. Hoogleraar Judith van Erp legt uit hoe de Wetenschapsagenda Toezicht kan helpen om zulke aanpakken te ontwikkelen.

De Wetenschapsagenda Toezicht

Deze agenda is een initiatief van de Inspectieraad en beschrijft enkele thema’s voor wetenschappelijk onderzoek:

  • Goed toezicht te midden van toenemende maatschappelijke complexiteit
  • Slim toezicht in een complexe informatiesamenleving
  • Effectiviteit van de toezichtprofessie

Benieuwd naar de inhoud van de Wetenschapsagenda Toezicht? Lees hem hier.

Wat is dat precies, een Wetenschapsagenda Toezicht?

Judith van Erp: “Het is een gezamenlijke wens van wetenschappers en toezichthouders om aan te geven welke onderzoeksgebieden prioriteit hebben. De Wetenschapsagenda Toezicht verbindt vragen van toezichthouders met wetenschappelijke onderzoeksagenda’s en bepaalt kansrijke, gezamenlijke thema’s waar toezicht en wetenschap elkaar verder kunnen brengen.”

Waarom is zo’n agenda nodig?

“Door de resultaten van wetenschappelijk onderzoek in de praktijk te brengen, kan het toezichtsvak verder professionaliseren. Binnen het toezicht is een sterke behoefte aan innovatieve, kennisgedreven en risicogerichte aanpakken. Maar het onderzoek hiernaar is nog te gefragmenteerd; het is vaak instrumenteel en projectgebonden. Individuele inspecties of markttoezichthouders doen bijvoorbeeld onderzoek op hun eigen beperkte terrein en delen de resultaten bovendien niet altijd met andere toezichtorganisaties. Ook raakt relevant wetenschappelijk onderzoek niet altijd bekend onder toezichthouders.”
“Toezichthouders hebben duidelijk behoefte aan een perspectief op de lange termijn.”
“Het doel is om meer samenhang in onderzoek aan te brengen door het binnen één inhoudelijk kader uit te voeren. Het programma ‘Handhaving en Gedrag’ heeft kennisontwikkeling op gedragswetenschappelijk terrein een flinke impuls gegeven. We willen dit verbreden naar een meer algemene langetermijnagenda. Tot slot is er te weinig structureel geld beschikbaar voor wetenschappelijk onderzoek naar toezicht. Dit komt vaak uit verschillende potjes van afzonderlijke inspecties, maar niet vanuit landelijke wetenschapsfinanciering. Een gezamenlijke wetenschapsagenda moet daar verandering in brengen.”

Hoe kwam de agenda tot stand?

“We zijn gestart met een digitale enquête om op het netvlies te krijgen welke uitdagingen, knelpunten en dilemma’s er zijn op het gebied van onderzoek naar toezicht. We vroegen respondenten welke inhoudelijke thema’s een plek verdienen in de wetenschapsagenda. Daarna voerden we verdiepende dialoogsessies met wetenschappers, toezichthouders en beleidsmakers. Tot slot hielden we expertinterviews met strategische betrokkenen op het gebied van toezicht en onderzoekers bij de verschillende inspecties.”
"De wetenschap moet meer bieden dan een antwoord op dagelijkse vraagstukken."

Wat viel op in deze gesprekken?

“Wat ik interessant vond, is dat iedereen aangaf dat de wetenschap meer moet bieden dan een antwoord op dagelijkse vraagstukken. Toezichthouders hebben duidelijk behoefte aan een perspectief op de lange termijn en een antwoord op onderliggende problematiek. Zoals rondom nieuwe technieken en welke risico’s en ethische vragen die tot gevolg hebben.”

De wetenschapsagenda is inmiddels gepubliceerd. Wat nu?

“Ik hoop dat toezichthouders de meerwaarde van samenwerking in de kennisfunctie nog meer gaan beseffen als ze zien dat ze voor dezelfde vraagstukken staan. Verder is de agenda bedoeld om een impuls te geven aan onderzoek, door toezichtsvragen meer zichtbaar te maken voor wetenschappelijke netwerken én financieringsnetwerken. Er wordt veel geïnvesteerd in onderzoek naar politie en justitie – in onderzoek naar toezicht veel minder. We zijn daarom in gesprek met de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) voor financiering via de zogenoemde ‘tweede geldstroom’. De Inspectieraad heeft al aangegeven de wetenschapsagenda te omarmen en wil het voor een gedeelte financieren.”

Wat gaan toezichthouders merken van de wetenschapsagenda?

“De Inspectieraad verkent de mogelijkheden om de Academie voor Toezicht in te richten als een kennisplatform waar we de onderzoeksresultaten kunnen delen. Toezichthouders kunnen hier dan de resultaten van de onderzoeken vinden, zodat ze weten met welke aanpakken ze in hun dagelijkse werk het meeste effect behalen. Ook zullen ze zien dat er meer onderling wordt samengewerkt en dat andere disciplines bij het onderzoek worden betrokken, zoals wetenschappers op het gebied van data, ethiek en innovatie.”

De samenstellers

De Inspectieraad vroeg Martijn van der Steen en Judith van Erp de wetenschapsagenda te helpen samenstellen. Judith van Erp is hoogleraar publieke instituties aan de Universiteit Utrecht en bestuurskundige. Martijn van der Steen is co-decaan en adjunct-directeur van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB). Daarnaast is hij bijzonder hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.