Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
‘Inspecticide’ of samen onkruid wieden

‘Inspecticide’ of samen onkruid wieden

Wijs bij regeldruk niet meteen naar de toezichthouder, maar begin bij jezelf. Aldus Peter van der Knaap in zijn nieuwste column. Hij reageert hiermee op de bestuursvoorzitter van het VMBO Maastricht. Die verwees met het woord ‘inspecticide’ naar toezichthouder Inspectie van het Onderwijs. “Hoewel het aanzet tot nadenken, is het een onnodig lelijk woord.”

Peter van der Knaap is directeur van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) en sinds 2016 voorzitter van Vide, de beroepsvereniging van professionals in toezicht, inspectie, handhaving en evaluatie.

Het zal een van de eerste moeilijke woorden zijn geweest die ik als kind leerde: insecticide. Het spul zat in spuitbussen met vervaarlijke afbeeldingen van kakkerlakken, zilvervisjes en ander ongedierte. Vies rook het niet, maar alles ging ervan dood: insecten, vogeltjes die insecten opeten en de roofvogels die weer van die vogeltjes moesten leven. Mensen hadden het over ‘The Silent Spring’, waar alle leven weg was. Daarom was iedereen mordicus tegen het gebruik van insecticide.

Vlaaien en vlaggen terug in de kast

Ik moest aan deze tijd denken toen mijn oog afgelopen zomer op het nieuwe woord ‘inspecticide’ viel. Deze vondst – naar eigen zeggen geïnspireerd door een typefout van de Inspectie van het Onderwijs – is van de bestuursvoorzitter van het VMBO Maastricht. Hij reageerde strijdlustig op het ongeldig verklaren van alle eindexamens van zijn school. De examens voorafgaand aan het centraal eindexamen waren namelijk niet of niet juist afgenomen of geregistreerd.
Het was een pijnlijke zaak. Vlaaien en vlaggen konden weer de kast in en er ontstond grote onzekerheid over vervolgopleidingen en dito politieke verontwaardiging. Wel formuleerde de toezichthouder intussen constructieve vervolgstappen om leerlingen en school een uitweg te bieden. Op dit moment loopt een breder onderzoek naar de betrokken scholen en hun bestuur.

Het is nooit goed

De bestuursvoorzitter van VMBO Maastricht hoopt dat ook de rol van de Onderwijsinspectie in dat onderzoek wordt betrokken. ‘Klopt het dat gedetailleerde, door de Inspectie vastgestelde programma’s van toetsing en afsluiting tot ondoenlijke situaties leiden op veel scholen in Nederland?’, stelde hij publiekelijk als onderzoeksvraag voor. Situaties, zo vervolgde hij, waarvoor de leerlingen van het VMBO Maastricht ‘nu zo worden gestraft’?
Het is een bekend verwijt aan toezichthouders. Beleidsmakers, maar vooral toezichthouders, stellen zoveel eisen dat bedrijven of burgers het nooit goed kunnen doen. Om nog maar te zwijgen van het vermeende dodelijke effect daarvan op ‘de professionele habitus’: het vakmanschap van de mensen die het echte werk moeten doen. Kortom: het toezicht maakt van alles en nog wat kapot.
“Alsof toezicht een soort vergif is. Alsof er voor iemand die zijn vak goed wil doen geen leven meer is door toezicht en inspectie.”

Graat in mijn keel

Het woord ‘inspecticide’ drukt dat gevoel op een pijnlijke manier uit. Alsof toezicht een soort vergif is. Alsof er voor iemand die zijn vak goed wil doen geen leven meer is door toezicht en inspectie. Het nieuwe woord bleef als een graat in mijn keel steken toen ik las dat dezelfde bestuursvoorzitter er al éérder dan deze affaire over had geschreven. Hij pleitte voor toezicht dat zich richt op onderwijskwaliteit. En niet op enkele ‘vrij arbitraire parameters’, zoals ‘het verschil tussen de cijfers van schoolonderzoeken en die van het centraal schriftelijk examen’. Het zou moeten gaan om de toegevoegde waarde die een school biedt in het voorbereiden van leerlingen op vervolgonderwijs, de arbeidsmarkt en een goede plek in de samenleving. Waarbij scholen op de eerste plaats zelf de verantwoordelijkheid hebben daarop te sturen en kritiek te organiseren.
“De les uit Maastricht is dat je bij regeldruk niet meteen naar de toezichthouder moet wijzen.

Begin bij jezelf

Mooi pleidooi wel. Volgens mij is dat ook wat de Onderwijsinspectie wil. Waarbij een eventueel verschil tussen de resultaten van schoolonderzoeken en die van het centraal schriftelijk eindexamen mij trouwens wel degelijk relevant voorkomt. Maar dit terzijde. Want de les uit Maastricht is dat je bij regeldruk niet meteen naar de toezichthouder moet wijzen. Ook hier geldt: begin bij jezelf. Zo blijkt uit een reconstructie van dagblad De Limburger dat VMBO Maastricht het vooral zichzelf heel moeilijk heeft gemaakt. Hoe? Door precies te doen wat zij de Inspectie nu verwijt: (te) veel eisen opstellen rond het toetsprogramma. Dat ook nog eens erg omvangrijk was. Alle toetsen, overhoringen en zelfs huiswerkopdrachten stonden erin! Waarbij elk foutje onherroepelijk zou kunnen leiden tot uitsluiting van het eindexamen. Wie zo’n breed programma maakt, kan zichzelf lelijk in de vingers snijden, zo concludeerde de krant.

Samen onkruid wieden

Inspecticide. Hoewel het aanzet tot nadenken, is het een erg lelijk woord. Met heel nare associaties. Het suggereert ook een slechte verhouding tussen veld en toezichthouder. En dat is onnodig. Ik denk dat iedereen het met de bestuursvoorzitter eens is als hij stelt dat scholen en schoolbesturen vooral zelf moeten sturen op kwaliteit. De les van dit verhaal is dat je daarbij – ook als je het goed voorhebt met leerlingen – moet oppassen voor te veel detailsturing.
Een toezichthouder kan daarbij een goede rol spelen. Niet als vergif, maar wel als een deskundige en betrokken partij die in de tuin meehelpt om onkruid te wieden. Die toeziet op hoe scholen hun verantwoordelijkheid organiseren en tegelijkertijd scherp blijft kijken naar de opbrengsten. Van zo’n verhouding plukt iedereen de vruchten. En het voorkomt dat leerlingen de dupe worden van slecht of te ver doorschietend schoolbeleid.
Dit is een bewerkte versie van de column die eerder in het blad TPC verscheen.