Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Macht en vertrouwen: een onlosmakelijke combinatie

Macht en vertrouwen: een onlosmakelijke combinatie

Hoe zorg je als toezichthouder voor een zo groot mogelijke naleving van de regels? Is het zinvol om veel te controleren en boetes uit te delen – of juist niet? De Oostenrijks-Italiaanse hoogleraar economische psychologie Erich Kirchler onderzoekt belastinggedrag en -moraal. Zijn slippery slope-model beschrijft de invloed van macht en vertrouwen op naleving van de regels.

“Een goede combinatie van macht en vertrouwen is essentieel voor een zo groot mogelijke naleving”, legt Kirchler uit. Hij sprak over dit onderwerp tijdens het Congres Handhaving en Gedrag op 1 november in Amsterdam. “Macht is in het geval van de Belastingdienst de autoriteit die zij uitstraalt, bijvoorbeeld door de hoeveelheid controles en boetes die ze uitdeelt. En het vertrouwen dat de belastingbetaler heeft in deze organisatie hangt daarmee samen. Méér vertrouwen in de Belastingdienst kan leiden tot een grotere aanvaarding van de macht en bereidheid tot naleving van de regels. Maar wantrouwen mensen de Belastingdienst, dan moet zij een beroep doen op haar ‘coercive power’, oftewel het afdwingen van naleving tegen de wil van de belastingbetaler in.”
“Streng toezicht kan een omgekeerd effect hebben. Er ontstaat dan een hellend vlak waarbij het vertrouwen steeds verder afneemt.”

Hellend vlak

Naleving afdwingen kan echter negatieve effecten hebben. Mensen kunnen het bijvoorbeeld storend vinden dat zij als keurige belastingbetalers zo vaak gecontroleerd worden of bij het minste of geringste een boete krijgen. Het strenge toezicht heeft dan een omgekeerd effect en er ontstaat een hellend vlak (slippery slope), waarbij het vertrouwen van de belastingbetaler in de Belastingdienst steeds verder afneemt – en daarmee ook de bereidheid om belasting af te dragen.
“Maar als de Belastingdienst haar macht weloverwogen inzet, kan het juist goed uitpakken”, vertelt Kirchler. “Dan zien mensen bijvoorbeeld dat wanbetalers hard worden aangepakt en dat het systeem van controle en naleving dus werkt. Het ‘machtsvertoon’ van de Belastingdienst leidt dan tot steeds méér vertrouwen in plaats van minder. De hoeveelheid macht die de Belastingdienst inzet, én de manier waarop, zijn dus van groot belang.”
“Iedere toezichthouder moet zich continu afvragen hoeveel macht zij gebruikt en hoe dat overkomt op de ondertoezichtgestelden.”

Balans zoeken

Kirchler baseerde zijn slippery slope-model op de relatie tussen de Belastingdienst en belastingbetalers, waar hij jarenlang wetenschappelijk onderzoek naar deed. Hij vond bewijs dat naleving zowel afhangt van de mate waarin de toezichthouder regelnaleving afdwingt, maar ook van het vertrouwen dat de ondertoezichtstaande in de toezichthouder stelt. Dat vertrouwen ontstaat onder meer wanneer een toezichthouder aantoont professioneel te werk te gaan.

Erich Kirchler (64) is een Italiaans-Oostenrijkse psycholoog en hoogleraar economische psychologie, verbonden aan de Universiteit van Wenen. Zijn werkgebieden zijn organisatie, werk, consumenten- en economische psychologie. Het meest bekend is hij vanwege zijn onderzoek naar belastinggedrag en belastingmoraal, en het daarbij ontwikkelde slippery slope-model.

Hoewel Kirchler het model ontwikkelde op basis van zijn onderzoek naar belastinggedrag, denkt hij dat het breder inzetbaar is. “Iedere toezichthouder moet zich continu afvragen hoeveel macht zij gebruikt en hoe dat overkomt op de ondertoezichtgestelden. Dat laatste hangt sterk af van hoeveel vertrouwen zij hebben in hun toezichthouder. Daarin kun je niet alleen op je intuïtie afgaan. Dat vertrouwen kun en móet je meten. Hier bestaan verschillende instrumenten voor, maar de eenvoudigste is het hun gewoon vragen, bijvoorbeeld via een enquête.”
In het model van Kircher draait alles dus om de juiste balans tussen macht en vertrouwen. “Dan ontstaat een relatie waarin beide partijen samenwerken en elkaar niet zien als tegenstander. Dat noem ik een ‘synergistisch klimaat’. In zo’n situatie is geen dwang nodig en worden de regels vrijwillig nageleefd. Voor de Belastingdienst betekent dit een klimaat waarin belastingbetalers bereid zijn hun aandeel aan de gemeenschap bij te dragen. Dat is voor de Belastingdienst, én voor andere toezichthouders, de best mogelijke situatie.”