Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Inzicht in de hele keten dankzij het barrièremodel

Inzicht in de hele keten dankzij het barrièremodel

Achter het ontgraven en herplaatsen van grond gaat een complexe wereld schuil. Om deze keten inzichtelijk te maken, ontwikkelde de DCMR Milieudienst Rijnmond het barrièremodel Grondstromen. Dit geeft een compleet overzicht van hoe de grondstromenketen werkt. Belangrijk voor inspecteurs in dit werkgebied, en mogelijk ook interessant voor andere inspecties.

Wat is de grondstromenketen?

In Nederland wordt veel ‘geschoven’ met grond. Ontgraven grond is vaak verontreinigd en moet bewerkt worden voordat het ergens anders bruikbaar is. Daar gaan veel handelingen aan vooraf. De grondstromenketen kent zes fases: ontgraven, transporteren, tijdelijk opslaan, bewerken, opnieuw transporteren en toepassen op een nieuwe locatie. Grond reinigen is een prijzig proces. Kwaadwillenden zoeken daarom manieren om dat te omzeilen. Deze fraude is lastig te bestrijden, omdat de keten heel onoverzichtelijk is. Daardoor is soms onduidelijk wie welk onderdeel van het proces inspecteert. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat een niet-erkende partij werkzaamheden uitvoert of de protocollen niet voldoende worden gevolgd.
“Toezichthouden op de grondstromenketen is ingewikkeld”, vertelt Marina Paauwe, milieu-inspecteur bij de DCMR. “Er zijn veel verschillende partijen bij betrokken, onder meer de projectontwikkelaar, aannemer en saneerder. De communicatie tussen al die partijen is matig, terwijl er juist veel behoefte is aan overzicht en transparantie. Daar komt bij dat het merendeel van de inspecteurs niet is opgeleid voor deze specifieke materie. Daarom besloten we het barrièremodel te ontwikkelen. Dat zorgt voor overzicht in de keten en voorziet de inspecteurs van noodzakelijke kennis.”

Complete proces in beeld

De tussentijdse opslag en bewerking van de grond lijken overbodige stappen in het proces, maar zijn dat zeker niet. “Het gebeurt maar zelden dat grond vanaf de saneringslocatie direct naar een nieuwe toepassingslocatie kan gaan”, legt Paauwe uit. “De grondstroom moet eerst een kwaliteitskeuring ondergaan en in sommige gevallen is bewerking van de grond nodig.”
“De vele betrokken handhavende partijen communiceren matig met elkaar, terwijl er juist veel behoefte is aan overzicht en transparantie.”
“Het barrièremodel brengt het hele proces van de grondstromenketen overzichtelijk in beeld. In verschillende processtappen staat dat proces uitgebreid omschreven, inclusief de invloedfactoren, zoals slecht naleefgedrag en een onlogische administratie. Die factoren zijn ook nog specifiek uitgewerkt. Zo krijgen gebruikers van het model niet alleen inzicht in de stappen in de keten, maar ook in waar ze per stap mee te maken kunnen krijgen.”
Vervuilde grond reinigen kost veel geld. Dat komt onder andere omdat het een ingewikkeld proces is, waarbij dure apparatuur nodig is. Het komt daarom voor dat grond die té vuil is voor hergebruik, vermengd wordt met schonere grond. “Dat mag natuurlijk niet. De kwaliteit van de vuile grond gaat dan weliswaar omhoog, maar de schone grondstroom wordt dan ook vuil. Met het barrièremodel hebben inspecteurs beter inzicht in de keten, zodat ze overtredingen eerder kunnen ontdekken of zelfs voorkomen. Het model laat onder meer zien welke ongewenste gebeurtenissen zich kunnen voordoen bij de werkzaamheden, zoals het illegaal storten van grond. En welke partijen je per processtap kunt inschakelen, zoals de Inspectie Leefomgeving & Transport en de gemeente.”
“Het barrièremodel brengt het hele proces van de grondstromenketen overzichtelijk in beeld.”

Waarde voor andere ketens

Paauwe ontwikkelde het barrièremodel speciaal voor de grondstromenketen, maar ze denkt dat barrièremodellen ook voor andere ketens waardevol kunnen zijn. “Het model geeft je een volledig overzicht van de keten. Je kunt het operationeel gebruiken, maar ook als naslagwerk of voor het schrijven van een plan van aanpak.”
“Je kunt het model operationeel gebruiken, maar ook als naslagwerk of voor het schrijven van een plan van aanpak.”
Wel heeft iedere keten zijn eigen processtappen en invloedfactoren. “Eigen onderzoek is dus noodzakelijk. Ook het aan de man brengen van zo’n model verdient extra aandacht. Enkel publiceren heeft niet veel zin”, vindt Paauwe. “Je moet bereid zijn alle betrokkenen te laten zien wat de meerwaarde is van het model. En hoe ze het kunnen inzetten. Stap één is het model maken, stap twee de kennis verspreiden en stap drie is om het nuttig toe te passen. De DCMR zit inmiddels al in de laatste fase. Inspecteurs gebruiken het model al tijdens hun werk.”

Marina Paauwe

Voor vragen over het barrièremodel Grondstromenketen kunt u contact opnemen met Marina Paauwe (marina.paauwe@dcmr.nl). Wilt u zelf een barrièremodel ontwikkelen? Kijk dan op barrieremodellen.nl en maak een account aan.