Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Van 0 naar 100% toezicht door de brexit

Van 0 naar 100% toezicht door de brexit

Een paard op de ferry van Newcastle naar IJmuiden of bloembollen op weg van Rotterdam naar Hull. Nu heb je er nauwelijks erg in. Straks wordt niks meer ongezien verhandeld. Zodra de brexit ingaat is deze vrije handel van goederen met Engeland niet meer mogelijk. De Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) ziet dan toe op alle handel tussen het Verenigd Koninkrijk en Nederland.

Al twee jaar bereidt de NVWA zich voor op dit moment. Een flinke kluif: toezicht organiseren voor een situatie die in zijn uitwerking nog steeds niet helemaal definitief is. “Wij zijn klaar voor 29 maart. Ongeacht het scenario.” Peter Verbaas, brexit-coördinator van de NVWA, wil het maar gezegd hebben. “Dat is een flinke klus geweest, want we wisten niet waar we ons precies op moesten voorbereiden. Daarnaast mochten we vooraf geen contact hebben met onze Britse evenknie vanwege de politieke onderhandelingen.”
Bij een harde brexit zijn er weinig tot geen handelsafspraken tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk. En een enorme toename van toezicht op handel.
“Hoe we zorgen dat we er toch klaar voor zijn? Je bereidt je voor op het ergste en hoopt op het beste.” Het beste is in dit geval een zachte brexit waarbij de handel met het Verenigd Koninkrijk zoveel mogelijk blijft zoals het nu is: zonder grenzen, met vrije handel en geen toezicht. Het ergste geval is een harde brexit. Afhankelijk van de politieke onderhandelingen zijn er dan weinig tot geen handelsafspraken tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk. Dit leidt tot een enorme toename van toezicht op handel voor de NVWA.

Interne voorbereidingen

Op dat laatste scenario heeft de toezichthouder zich voorbereid. Verbaas: “Al in een heel vroeg stadium hebben collega’s een actielijst opgesteld: wat moet er bij ons gebeuren als voorbereiding op een harde brexit? Toen ik op 1 december in deze functie begon, lag er dus al een flinke basis. Natuurlijk de werving van personeel voor de extra keuringen van handel. Om precies te zijn honderd dierenartsen voor de keuring van vee en voedsel dat naar het Verenigd Koninkrijk gaat en ervandaan komt. Daarnaast zijn nog 43 ondersteunende medewerkers nodig voor alle extra controles op handel. Dat gaat onder andere om toezicht op productveiligheid, alcohol, tabak en plantgezondheid.”
"Onze juridische afdeling bereidt zich voor op een toename van het aantal bezwaren van bedrijven die het oneens zijn met controles en keuringen."
Maar de grootste bulk extra werk zit in het op orde krijgen van de exportcertificering. Voor zeer veel typen agrarische producten geeft de NVWA zo’n certificaat uit, alleen dan is handel met landen buiten de EU toegestaan. Dat geldt straks dus ook voor handel met het Verenigd Koninkrijk. Dat moest voorbereid worden. Ten eerste de certificaten zelf. Verbaas: “Elke afdeling heeft geïnventariseerd om welke producten het gaat en heeft daar de conceptcertificaten voor opgesteld. Als tweede moeten onze systemen ook voorbereid zijn. De uitgave van zulke certificaten is namelijk zoveel mogelijk geautomatiseerd. De IT-afdeling heeft de systemen getest zodat deze fors meer certificaten kunnen verlenen. Tot slot heeft ook de juridische afdeling van de NVWA haar systemen voorbereid op een toename van het aantal bezwaren van bedrijven die het eventueel niet eens zijn met resultaten van controles en keuringen.”
In bepaalde gevallen waar de NVWA echt grote problemen voorzag, heeft de toezichthouder bedrijven actief benaderd.

Bedrijven begeleid

Een andere uitdaging vond de toezichthouder in de communicatie over de brexit. Verbaas: “Met onze belangrijkste stakeholders gaat dat goed. Met de betrokken ministeries, keuringsdiensten, de Rijksdienst voor Ondernemers, hebben we veel en vaak contact. We stemmen onderling af wie welke vragen van ondernemers beantwoordt.” De communicatie met de ondertoezichtstaande bedrijven is een grotere uitdaging. Zij moeten ervan doordrongen zijn dat ze zich echt grondig voor moeten bereiden. Verbaas: “Ik had gewild dat meer bedrijven eerder vragen hadden gesteld over die voorbereidingen. Ik weet dat veel bedrijven toch nog niet goed genoeg voorbereid zijn. Ze moesten zich op tijd aanmelden bij digitale systemen voor keuringen en certificaten. Wij bieden IT-oplossingen, maar de software van een bedrijf moet dat wel aankunnen. Ze moeten de tijd nemen om dat in hun eigen bedrijfssystemen in te bouwen en te testen. Lang niet alle bedrijven hebben dat gedaan. Of ze zijn niet op tijd gestart. Dat terwijl op onze site wekelijks de laatste ontwikkelingen te vinden zijn. Hier staat ook de verwijzing naar de ‘Brexit Impact Scan’ voor bedrijven, om te zien hoe goed ze voorbereid zijn en wat er nog moet gebeuren. Bij organisaties en sectoren die wel vragen hebben over voorbereidingen, bieden we nog steeds zoveel mogelijk hulp.”
In gevallen waar de NVWA echt grote problemen voorzag, heeft de toezichthouder bedrijven actief benaderd. “Dan gaat het met name om ons toezicht op handel via ferry’s, omdat dat een nieuw vervoermiddel is waar wij toezicht op handel gaan houden,” vertelt Verbaas. “Dat betekent dat er keurlocaties in of zeer dicht in de buurt van de haven moeten zijn. Het havenbedrijf moet dat organiseren. Waar mogelijk hebben we hen daarbij geholpen. Bijvoorbeeld door mee te denken welke plekken daarvoor geschikt zijn. Ook hebben we bijvoorbeeld bij het havenbedrijf benadrukt dat ze moeten zorgen dat hun IT-systemen straks de handel via ferry’s kunnen verwerken.”

Een drukke zomer

De deadline nadert snel en Verbaas heeft alle vertrouwen in de uitvoering. “Het wordt druk in het begin. We gaan van de ene op de andere dag van 0 naar 100 procent toezicht. Er komen bedrijven voor het eerst met ons in aanraking. Dat zal in het begin een piek van missers door bedrijven opleveren. Bijvoorbeeld doordat bedrijven hun software nog niet op orde hebben waardoor ze geen exportcertificering aan kunnen vragen. Daar komt bij dat we eind maart nog niet alle benodigde dierenartsen en ondersteunend personeel hebben geworven.” Toch voorziet Verbaas geen problemen als het gaat om de eigen capaciteit, omdat het toezicht van de NVWA risicogericht is. “We voeren toezicht uit waar we risico’s zien. Ook kijken we nadrukkelijk of bedrijven bewust buiten de lijntjes kleuren of alleen last hebben van opstartproblemen. Het wordt geen heksenjacht.” Eventuele noodscenario’s zijn ook uitgedacht. Verbaas: “Denk bijvoorbeeld aan een uitbraak van een dierziekte. Dan moeten we prioriteiten stellen: waarop houden we in zo’n geval wel toezicht en waarop niet. Dat leggen we nu al vast.”
Nu, in de laatste dagen voor 29 maart ziet Verbaas nog één uitdaging: “Omgaan met de laatste onzekerheden. Dat kunnen bijvoorbeeld last-minute eisen vanuit het Verenigd Koninkrijk of Brussel zijn aan het certificeringsproces. Daarvoor hebben we ook de afgelopen weken capaciteit vrijgehouden. Zo kunnen we de laatste aanpassingen aan onze IT-systemen of nieuwe aangepaste instructies voor medewerkers alsnog doorvoeren. Maar reken er maar op dat we ook onze vakantiedagen nog even opsparen. Het wordt een drukke zomer.”
De NVWA is niet de enige toezichthouder die veel extra werk heeft door de brexit. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandse Bank krijgen meer te doen door de komst van tientallen financiële bedrijven naar Amsterdam. Ze krijgen dit jaar samen 7,7 miljoen euro erbij voor nieuwe ICT-systemen. Volgend jaar komt daar nog eens 5,2 miljoen euro bij. Binnenkort meer hierover in ToeZine. Ook de NVWA en de Douane ontvingen eerder aanvullend budget om meer personeel aan te nemen.