Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Vertrouwensrelatie is delicaat

Vertrouwensrelatie is delicaat

Een vertrouwensrelatie is in het toezicht een delicate kwestie. Dat vraagt om takt bij de toezichthouder. Vooral moraliseren blijkt snel verkeerd uit te pakken. Onderzoeker en auteur Laetitia Mulder legt uit hoe dat zit.

Over de publicatie

Als onderdeel van hun toezicht- en handhavingsstrategie kiezen overheden meer en meer de rol van adviseur die meedenkt. Hierdoor is vaker sprake van een vertrouwensrelatie. Maar wat doe je in die setting als een burger of bedrijf zich niet aan de regels houdt? En hoe zorg je ervoor dat dit in de toekomst wel gebeurt. Deze vragen staan centraal in het onderzoek Omgaan met regelovertreding in vertrouwensrelaties, in opdracht van het interdepartementale onderzoeksprogramma Handhaving en gedrag.

OMGAAN MET REGELOVERTREDING IN VERTROUWENSRELATIES
Effecten van dialoog- en sanctiefactoren en de invloed van de relatie tussen toezichthouder en ondernemer

Auteurs: Laetitia Mulder, Gerben van der Vegt, Sanne Ponsioen
Uitgave: Rijks Universiteit Groningen (RUG), i.s.m. Expertisecentrum HRM&OB

Wat maakt vertrouwensrelaties in het toezicht zo precair?

“In de praktijk zie je dat vertrouwen steeds belangrijker wordt in toezichtrelaties. Denk maar aan de belastingdienst: die opereert vanuit de filosofie dat de burger te goeder trouw is. In de praktijk is dat ook zo. Als het misgaat, is vaak sprake van slordigheidjes of vergissingen. De groep die de boel echt bewust belazert is heel klein. De vraag blijft wel hoe je als toezichthouder moet opereren als iemand zich niet aan de regels houdt. Een toezichthouder stelt zich in een vertrouwensrelatie kwetsbaar op. Hij kan zich dan bekocht voelen als iemand zich niet aan de regels houdt. Omgekeerd kan iemand die zich onbewust niet aan de regels houdt, zich bekocht voelen omdat ook hij te goeder trouw is. Wat is dan wijsheid?”

Welke uitkomst heeft je verrast in dit onderzoek?

“We gingen het onderzoek in met de verwachting dat een vertrouwensrelatie meer ruimte biedt voor ‘moraliserend’ optreden: dat een ondernemer in een vertrouwensrelatie meer open staat voor een morele boodschap. Dit blijkt niet zo te zijn. Moraliseren – of het nu in de vorm van een waarschuwing of sanctie is – heeft al snel een negatieve uitwerking. Waarschijnlijk komt dat doordat ondernemers die een vertrouwensrelatie hebben met hun toezichthouder zich bewust zijn van het ‘waarom’ achter de regel. Als een toezichthouder vervolgens een tik uitdeelt, kan dat verkeerd vallen. Het trekt impliciet de goede bedoelingen van de ondernemer in twijfel.”

Jullie maken onderscheid tussen sancties en waarschuwingen. Hoe werken die door in een vertrouwensrelatie?

“Met name in een vertrouwensrelatie wordt een sanctie als minder passend en rechtvaardig gezien dan een waarschuwing. In het onderzoek zagen we dat ondernemers die een sanctie in plaats van een waarschuwing kregen vervolgens minder geneigd waren tot regelnaleving. Als je toch de noodzaak ziet om te moraliseren is het goed om te beseffen dat een waarschuwing veelal positiever wordt ervaren dan een sanctie. Die waarschuwing kan bovendien beter wijzen op wat een ondernemer in de toekomst goed kan doen, dan op wat er in het verleden fout ging. Zo voorkom je dat iemand zich aangevallen voelt. Belangrijk is verder dat een ondernemer niet het beeld moet krijgen dat een sanctie de kas van de toezichthouder spekt. Het idee dat een boete een norm moet overdragen raakt dan op de achtergrond, terwijl het eigenlijk daarvoor bedoeld is.”