Ga naar de inhoud

Waarom dit dronedatadeelproject uitgroeide tot festivalfavoriet

Rob Broekman is pijlerhoofd voor het cluster Remote Sensing bij het Innovatielab van de NVWA. Met zijn team onderzoekt hij hoe drones en andere sensortechnieken het toezicht slimmer kunnen maken. Het idee is simpel: één keer (drone)data inwinnen en deze meervoudig delen als één overheid. Dat leidt tot minder vluchten, lagere kosten en betere informatie. Zo ontstond een vernieuwende aanpak om dronedata veilig en rechtmatig te delen tussen verschillende overheidsorganisaties. Tijdens het Toezichtfestival in 2024 werd het project uitgeroepen tot Festivalfavoriet.

Rob Broekman ontvangt juryrapport Verkiezingen Handhaving en Toezicht over project 'Slim (drone)data delen'

Wat hield jullie project precies in?

“We merkten dat veel overheidsorganisaties met drones vliegen, vaak over dezelfde locaties en voor vergelijkbare doelen. Iedereen verzamelde zijn eigen beelden, terwijl die informatie eigenlijk voor meerdere partijen bruikbaar is. In Zeeland vlogen we bijvoorbeeld voor illegale visserij. Op dezelfde foto’s zagen we ook een containerschip dat interessant is voor de Inspectie Leefomgeving en Transport en een olievlek voor Rijkswaterstaat. Mijn idee was: dit moet slimmer. Eén vlucht, één set beelden, die je veilig kunt hergebruiken voor meerdere organisaties. Dus hebben we al onze historische, toekomstige en realtime dronevluchten op een kaart gezet en gekeken hoe we die data kunnen delen.”

Hoe werkte dat datadelen in de praktijk?

“We hebben laten onderzoeken wat er mogelijk is binnen de regels. Daarna bouwden we een systeem waarin overheidsorganisaties kunnen zien waar we gevlogen hebben en ook zelf in de databank kunnen zoeken. Daarnaast kunnen organisaties realtime meekijken met vluchten. Stel: er is een overval. De politie ziet in het systeem dat de NVWA precies daar aan het vliegen is. Dan kunnen ze direct meekijken met de dronebeelden. Of neem een foto van een slootkant in het buitengebied: diezelfde foto is tegelijk relevant voor het waterschap (waterkwaliteit), RVO (bufferstrook, subsidie), de agrariër (agrarisch natuurbeheer en biodiversiteit), de omgevingsdienst (milieuverontreiniging) en de NVWA (mest en gewasbeschermingsmiddelen). Eén foto kan vijf organisaties en de agrariër helpen.”

Waar liepen jullie tegenaan?

“Na het winnen van de titel ‘Festivalfavoriet’ op het Toezichtfestival kregen we veel positieve aandacht, maar ook juridische vragen. Terecht natuurlijk, dat hoort erbij. We hadden niets verkeerd gedaan, maar er waren wel aandachtspunten. Mijn interpretatie van ‘we mogen data delen’ bleek te simpel. Door strengere uitleg van de regels kwam het delen van data met externe partijen stil te liggen. Dat voelde eerlijk gezegd als een domper, want je wilt doorpakken. Ik had er echt buikpijn van dat het niet door kon groeien.”

Hoe heb je dat omgezet naar iets positiefs?

“Door het probleem om te draaien: hoe maken we van dit probleem een innovatie? Dat is uiteindelijk het Open DataspaceLab.eu geworden. We zijn gaan werken met een soevereine Europese cloud, zonder Amerikaanse componenten. De drone stuurt beelden rechtstreeks naar deze veilige omgeving, waar algoritmes ze kunnen doorzoeken zonder kopieën te maken. Personen worden waar nodig geblurd. We hebben ook een concept DPIA-generator gebouwd op onze eigen server. Je vult je toezichttaak in en het systeem stelt gerichte AVG-vragen en bouwt een groot deel van de DPIA op en wijst op AVG-risico’s. Dat ondersteunt zowel de privacy officers en juristen die adviseren als de verwerkingsverantwoordelijke die de uiteindelijke beslissing neemt. Dankzij de DPIA-generator verloopt dat proces straks wel veel sneller en consistenter.

Zijn er al concrete successen?

“Met automatische beeldherkenning hebben we een illegale palingfuik opgespoord. Met een bootje vind je bijna nooit iets in zo’n groot gebied. Met drones ga je van tienduizenden foto’s naar een paar tientallen waar echt iets op staat. Door het juridische traject draaien we nog niet op volle toeren, maar vinden we iets dat relevant is, zoals een blauwe ton, dan melden we dat natuurlijk wel aan partners. De ambitie is dat partners straks zelf in de databank kunnen zoeken, met eigen algoritmes.”

Gaat het project verder dan alleen drones?

“Zeker. Het delen van beelden speelt net zo goed bij vliegtuigbeelden, satellietdata en scanauto’s. In Amsterdam reden bijvoorbeeld parkeerscanauto’s rond. De politie kreeg die data een tijd lang automatisch en vond in één maand tachtig gestolen auto’s. Dat werkte fantastisch, maar werd ook stopgezet door juridische problemen. Met het OpenDataspaceLab.eu en onze innovatiejurist bouwen we aan een generieke oplossing waarmee overheden betrouwbare data kunnen delen binnen de regels. Dat scheelt geld, tijd en vergroot de informatiepositie.”

Wat heeft het predicaat ‘Festivalfavoriet’ jullie opgeleverd?

“Intern heeft het veel gedaan. Onze inspecteur-generaal heeft de prijs in zijn prijzenkast staan, en ons hele team heeft een etentje gehad. Dat lijkt klein, maar het is belangrijk: ook de mensen achter de schermen, zoals dronepiloten, planners en collega’s die zorgen dat drones up-to-date zijn, werden zo in het zonnetje gezet. Zonder hen kun je niet vliegen.

Buiten de organisatie kreeg het project extra bekendheid. We stonden met een stand op het Toezichtfestival, lieten onze drones zien en raakten in gesprek met allerlei andere organisaties waarvan je niet zou verwachten dat de data ook voor hen nuttig zou fijn. Ook op Europees niveau hebben we het project gepresenteerd; daar merk je dat veel lidstaten tegen dezelfde problemen aanlopen en graag willen leren van onze aanpak.

Waarom zouden anderen hun project moeten aandragen voor de Innovatieprijs Toezicht en Handhaving?

Je krijgt erkenning voor het werk van je mensen. Veel innovaties ontstaan in de praktijk, door teams die gewoon aan de slag gaan. Zo’n prijs maakt zichtbaar wat zij hebben neergezet. Daarnaast levert het publiciteit en een groter netwerk op. Andere organisaties zien wat je doet, haken aan of willen samenwerken. In ons geval heeft het ook geholpen om het gesprek over datadelen en privacy breder te voeren. Niet alleen binnen de NVWA, maar door de hele overheid heen. En eerlijk: het is ook gewoon leuk. Met je team naar een evenement, op het podium staan, nadenken over hoe je je verhaal vertelt. Dat geeft energie,

Wat hoop je voor de komende tijd?

“Dat we de laatste juridische stappen kunnen zetten, zodat we echt productie kunnen draaien en partners zelf in onze databank kunnen zoeken. En ik hoop dat we datadelen gaan omdraaien: dat je als overheid niet op je kop krijgt als je data wél deelt binnen de regels, maar juist als je het níet doet. Want uiteindelijk is het in het belang van de hele samenleving dat we slimmer toezichthouden en handhaven. Met dezelfde dronefoto’s, maar dan samen.

Meld jouw project ook aan voor de Innovatieprijs Toezicht en Handhaving

Werk jij aan een vernieuwend project in toezicht en handhaving dat bijdraagt aan het publieke belang? Meld je project dan aan en maak kans op de Innovatieprijs Toezicht en Handhaving 2026. Wie weet sta jij in 2026 op het podium van het Toezichtfestival met jouw project in de hoofdrol.

Aanmelden kan tot 15 februari 2026.