Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Rotterdam proeftuin voor datagedreven toezicht

Rotterdam proeftuin voor datagedreven toezicht

Data en moderne technologie kunnen helpen bij het vergroten van de publieke veiligheid. De inzet ervan roept echter ook veel vragen op, zowel technisch als juridisch en bestuurlijk. Via living labs wil de gemeente Rotterdam die vragen samen met andere partijen beantwoorden.

Een cirkelvormige ruimte waar speciaal opgeleide operators 24/7 live de beelden uitkijken van vierhonderd beveiligingscamera’s: elk 360 graden beweegbaar en in staat om met hoge resolutie in te zoomen. Sinds twee jaar heeft de gemeente Rotterdam een state-of-the-art toezichtcentrum tot haar beschikking. “Onze operators weten precies waar ze op moeten focussen en switchen continu van camera”, zegt Hans Nijman, directeur Handhaving en Toezicht bij de gemeente. “Zo sporen ze bijvoorbeeld personen met afwijkend gedrag op en kunnen ze die door goed samen te werken en te communiceren, blijven volgen.”
“We willen het aantal camera’s in de stad kunnen uitbreiden, zonder meer operators aan te hoeven nemen.”
Met hun kennis en ervaring kunnen operators al heel efficiënt werken. Maar met ‘intelligent camerabeheer’ wordt de capaciteit van het toezichtcentrum nog veel groter. Zelfvolgende camera’s kunnen verdachte personen bijvoorbeeld volgen op basis van beeldherkenning, zonder tussenkomst van een operator. En ook slim gebruik van data biedt kansen. Zo kun je met geluid- of geursensoren opvallende situaties opsporen. “Je kunt je camera’s daar dan gericht op afstemmen”, legt Nijman uit. “Daarmee willen we het gebruik van camera’s in de stad kunnen uitbreiden, zonder direct meer operators aan te hoeven nemen.”

Internet of Things

Ook Signify (voorheen Philips Lighting) heeft een hart voor veiligheid. Sinds de verzelfstandiging in 2016 kijkt het bedrijf op een andere, bredere manier naar licht. “We onderzoeken bijvoorbeeld wat verschillende intensiteiten en kleuren licht doen met het gevoel van veiligheid”, legt innovatiemanager Remco Muijs uit. “Maar we kijken ook naar Internet of Things-toepassingen. Zo zijn via het ‘connected lighting’-concept onze led-armaturen verbonden met het internet. Daardoor kun je het rendement van straatverlichting maximaliseren, bijvoorbeeld door lichten op afstand te dimmen wanneer er niemand op straat is. Maar als je toch al intelligente armaturen hebt, is er nog veel meer mogelijk.”
Muijs heeft het dan vooral over het toevoegen van (extra) sensoren aan het verlichtingssysteem. Zo werkt Signify momenteel aan de ontwikkeling van een geluidssensor en een algoritme dat bepaalt wanneer een waargenomen signaal afwijkt van het typische geluidsbeeld in een bepaalde omgeving. Een lang aanhoudend, hoog geluidsvolume kan bijvoorbeeld wijzen op een groepje schreeuwende mensen of omvallende voorwerpen. “Dit kun je gebruiken om een opstootje in de stad te signaleren, en daarmee een risicovolle situatie op te sporen”, legt Muijs uit. “Maar of dit in de praktijk ook echt werkt, weet je alleen als je een product in een realistische omgeving kunt testen. Zo raakten we in gesprek met de gemeente Rotterdam, waarvoor we al langer connected lighting inzetten.”

Hans Nijman, directeur Handhaving en Toezicht gemeente Rotterdam

De nieuwe sensoren van Signify sluiten perfect aan bij de zoektocht van de gemeente naar intelligenter camerabeheer. “We hebben het uitgaansgebied rondom de West-Kruiskade beschikbaar gesteld als proeftuin”, vertelt Nijman. “Dertig lantaarnpalen zijn daar negen weken lang voorzien van een prototype van de nieuwe sensor. Eén van onze vijftien operator-teams heeft een speciale training gekregen en kreeg de beschikking over een extra dashboard. Daar ontvingen ze meldingen van normafwijkende geluiden. Vervolgens konden ze hun camera’s op die betreffende locatie afstellen en bepalen of er daadwerkelijk sprake was van een situatie die om extra aandacht vroeg.”

Belangrijke leerpunten

De pilot leverde niet alleen veel data op, maar ook een schat aan aanvullende informatie. “We konden letterlijk over de schouder van operators meekijken en zo precies zien waar zij in de praktijk mee te maken hebben”, zegt Muijs. “Zo bleken ze continu actief bezig en al veel verschillende prikkels te krijgen, van elkaar en van de systemen. In de loop van de pilot hebben we onze meldingen daarom wat ‘agressiever’ gemaakt, zodat die niet genegeerd zouden worden. Maar ook weer niet teveel, want de extra informatie moet het proces versterken, niet verstoren.” Ook naar het juiste algoritme is het nog zoeken: het is niet eenvoudig om te bepalen wanneer geluid aanleiding geeft tot extra aandacht. “Nu leverde de omzetting van akoestische data naar meldingen nog best vaak ‘loos alarm’ op.”
“Letterlijk over de schouder van operators meekijken en precies zien waar ze mee te maken hebben.”
Een ander, heel praktisch aandachtspunt was de beschikbaarheid van stroom. De sensoren werkten alleen als de lantaarnpalen constant gevoed werden door het elektriciteitsnet, dus niet alleen als de straatverlichting aanstond. “Dat was ook voor ons belangrijke informatie”, zegt Nijman. “We kunnen dat bijvoorbeeld meenemen in de aanleg van infrastructuur.”

Juridische en bestuurlijke inzichten

Voor Signify leverde de pilot veel juridische en politiek-bestuurlijke inzichten op. “In de aanloop naar de testfase hebben we veel aandacht besteed aan het privacyaspect”, legt Muijs uit. “Bij het opnemen en versturen van geluidsfragmenten kun je immers de vraag stellen wie eigenaar is van de data. Politie en gemeente hebben hier naar aanleiding van deze pilot veel discussie over gevoerd, dat kostte veel tijd. Aan de ene kant is dat frustrerend, aan de andere kant moeten die discussies uiteindelijk toch gevoerd worden. Dan kun je het beter in de pilotfase doen dan op het moment dat je als productontwikkelaar je concept breed in de markt wilt zetten.”
Als het gaat om smart cities loopt Signify vaak tegen ‘verkokering’ aan. “In samenwerkingsverbanden met gemeenten hebben we meestal te maken met een afdeling Stadsbeheer, terwijl veiligheid soms ergens anders belegd is. Ook in Rotterdam is dat het geval. Dat we desondanks direct konden schakelen met de mensen van cameratoezicht, is niet zo vanzelfsprekend. De gemeente toonde zich heel pragmatisch.”

Remco Muijs, innovatiemanager Signify

Nieuwe pilots

Binnenkort worden de resultaten van de pilot bekendgemaakt. Voor Nijman zijn de ervaringen nu al reden om de inzet van living labs op te schalen. “Of het nu gaat om camera-apparatuur, sensoren, of big data-toepassingen; de technologische ontwikkelingen gaan ontzettend snel. Bij crowd management kun je nu al software gebruiken die op basis van camerabeelden het aantal mensen per vierkante meter weergeeft. Misschien kan software in de toekomst ook wel ‘vertellen’ of mensen rennen of iets op straat achterlaten. En bij informatiegestuurd werken zien we ook kansen met trendinformatie, zoals gegevens over de drukst bezochte terrassen.”
Nijman wil echter vooral niet teveel voorsorteren op bepaalde denkrichtingen. “Als gemeente hebben we te weinig zicht op wat er allemaal mogelijk is. Juist daarom willen we graag in contact komen en samenwerken met andere partijen. Een gevestigd tech-bedrijf, een kennisinstituut of een startup; goede ideeën kunnen overal vandaan komen. En wij willen daar ruimte aan bieden. Onze stad wordt steeds intensiever bewoond, dus we hebben die innovatie echt nodig.”
“Beter nu al discussies dan op het moment dat je een concept breed in de markt wilt zetten.”
Nijman wil echter vooral niet teveel voorsorteren op bepaalde denkrichtingen. “Als gemeente hebben we te weinig zicht op wat er allemaal mogelijk is. Juist daarom willen we graag in contact komen en samenwerken met andere partijen. Een gevestigd tech-bedrijf, een kennisinstituut of een startup; goede ideeën kunnen overal vandaan komen. En wij willen daar ruimte aan bieden. Onze stad wordt steeds intensiever bewoond, dus we hebben die innovatie echt nodig.”

Voordelen van een living lab

Een living lab is een onderzoeksconcept waarin nieuwe innovaties samen met gebruikers worden ontwikkeld en getest in levensechte situaties. Het combineren van verschillende pilots in één omgeving heeft diverse voordelen. Zo kunnen betrokken partijen gezamenlijk profiteren van een lokale verordening en tijdelijk aangelegde infrastructuren. Daarnaast kunnen zij onderling samenwerken en zo met elkaar een innovatieve community vormen.