Jarenlang was de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming onbekend bij het grote publiek. Maar inmiddels zoekt de organisatie bewust contact met de burger. Bestuursvoorzitter Annemiek van Bolhuis over de zichtbaarheid en de groei van de ANVS.

De ANVS werd opgericht in 2015 na een bezoek van internationale experts van het Internationaal Atoomenergieagentschap van de Verenigde Naties (IAEA). Nederland is aangesloten bij internationale verdragen over nucleaire veiligheid, radioactief afval en verbruikte splijtstoffen, en (fysieke) beveiliging. Daarnaast zijn er Europese richtlijnen over deze onderwerpen en ook over stralingsbescherming. Annemiek van Bolhuis: “De verdragen en richtlijnen schrijven een scheiding van verantwoordelijkheden binnen de overheid voor. In die tijd was die er nog niet. Er werd al wel gewerkt aan een onafhankelijke autoriteit. Nederland nodigde vervolgens het IAEA uit, dat bevestigde dat zo’n autoriteit nodig was. De missie was het extra zetje waarna de ANVS is opgericht.”
Enige in zijn soort
De ANVS beslist als onafhankelijke autoriteit over de vergunningen en registraties voor bijvoorbeeld het gebruik van röntgenstraling in ziekenhuizen of kernsplijting in kerncentrales. Ze kijkt mee naar veilig vervoer van radioactieve stoffen; denk aan medische isotopen, onder meer gebruikt voor de behandeling van kanker. En ze controleert het gebruik van straling bij medische behandelingen, zoals röntgenapparaten. Daarnaast ondersteunt ze de Douane, die in de haven van Rotterdam en op luchthaven Schiphol ladingen controleert op radioactiviteit. En houdt toezicht op de grondstoffenindustrie, waar natuurlijke radioactieve stoffen uit de bodem mee naar boven kunnen komen. Kortom: radioactiviteit en straling horen bij onze leefomgeving.
“We zien het als onze taak om deze inspecties zo goed mogelijk te ondersteunen met onze kennis.”
Vergeleken met omringende landen heeft Nederland relatief weinig nucleaire installaties, legt Van Bolhuis uit. “Frankrijk heeft 57 kernenergiecentrales, Nederland alleen die in Borssele. Maar ‘we’ hebben wel veel verschillende soorten nucleaire installaties. Vlak bij de kerncentrale is er ook een bedrijf voor radioactief afval. In Petten staat een reactorcentrum voor medische isotopen en in Delft hebben ze een kleinere reactor voor onderzoeksdoeleinden. En in Almelo staat de fabriek van Urenco, waarmee ze uranium verrijken voor kerncentrales over de hele wereld. Over al deze installaties moeten we kennis hebben.”
Inspecties ondersteunen
Bij het toezicht op radioactieve stoffen en ioniserende straling in de medische wereld – ziekenhuizen, bloedbanken, tandartsen en dierenartsen – werkt de ANVS samen met de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Nederlandse Arbeidsinspectie. “In een ziekenhuis houden wij bijvoorbeeld toezicht op röntgentoestellen, de veiligheid van bezoekers en het radioactieve afval. De IGJ doet dat voor de stralingsbescherming van patiënten en de NLA voor werknemers. We zien het als onze taak om nauw met deze inspecties samen te werken en ze zo goed mogelijk te ondersteunen met onze kennis. Voor hen is dit vaak maar een kleiner onderdeel naast al hun andere werk.”

De samenwerking met toezichthouders was ook onderwerp van gesprek bij de nieuwe missie van het IAEA dit jaar. “We hadden al verschillende stappen gezet om de samenwerking te borgen, zoals een samenwerkingsovereenkomst en werkafspraken. Zij vinden het belangrijk dat we deze ontwikkeling doorzetten. Nu zoeken we contact bij het maken van toezichtsplannen. In de toekomst zou ik ook graag gezamenlijke risicoanalyses doen.”
“Inmiddels vertrouwen mensen erop dat ze zich geen zorgen hoeven maken.”
Van Bolhuis ervaart steeds meer samenwerking met andere toezichthouders. “Onlangs nog hebben we de Staat van de Stralingsbescherming uitgebracht, samen met de Douane, Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, Inspectie Militaire Gezondheidszorg, Nederlandse Arbeidsinspectie en Staatstoezicht op de Mijnen. We zijn van het begin af aan samen opgetrokken. Daar ben ik trots op. Sinds 2022 is de ANVS ook geassocieerd lid van de Inspectieraad.”
Zichtbaarheid vergroten
Experts van de ANVS pakken steeds vaker het podium voor publieksvoorlichting over de veiligheid van kernenergie. “Laatst nog zaten er collega’s bij Radio1 en Nieuwsuur om in te gaan op de Nederlandse gevolgen van de damdoorbraak bij de Oekraïense kerncentrale in Zaporizja”, zegt Van Bolhuis. “We vinden dat we daar moeten zitten om het publiek te informeren over de feiten, naast alle andere geluiden en sentimenten die worden gedeeld. We hebben de indruk dat het effect heeft. Op sociale media is het bijvoorbeeld rustiger, er wordt minder gepraat over jodiumpillen inslaan.”
“In de praktijk betekent dit dat we heel veel informatie kunnen delen.”
Volgens Van Bolhuis kan er meer spanning komen op het publieke debat als het volgende kabinet duidelijkheid geeft over de plannen met kernenergie. “Dan vinden politici of burgers dat je te moeilijk doet, of juist te makkelijk. Maar wij hebben geen rol in politieke keuzes over kernenergie; juíst vanwege onze onafhankelijkheid. Onze scope is duidelijk: veiligheid boven alles én regels zijn regels.”
Transparantie voor begrip
Van Bolhuis noemt transparantie enorm belangrijk. “Het publiek moet ons vertrouwen en dat doen mensen pas als ze begrijpen wat we doen. Daar doet onze communicatieafdeling ook onderzoek naar. Zo hebben we vorig jaar onze teksten over inspecties bij nucleaire installaties voorgelegd aan burgers. We merkten dat veel mensen die niet goed konden duiden. Dat zijn belangrijke lessen, waarmee we ook aan de slag gaan. Onze policy is: we zijn open over wat we doen, tenzij het vanuit veiligheidsoogpunt niet kan. In de praktijk betekent dit dat we heel veel informatie kunnen delen.”
Expertise van buiten
Het zijn roerige tijden voor de ANVS. “Het kabinet – red. dit interview vond plaats voor de val van Rutte IV – wil de kerncentrale in Borssele langer openhouden als dat veilig kan en twee kernreactoren bijbouwen. Die vergunningsaanvragen komen dan bij ons binnen en dat brengt extra werk met zich mee. Maar het kan ook zijn dat de plannen uiteindelijk niet doorgaan. Dat gebeurde bijvoorbeeld na de tsunami in Fukushima. Om al onze taken wel goed uit te kunnen voeren, hebben we afgelopen twee jaar flink moeten groeien. Het laatste halfjaar met 40 mensen. Ik verwacht dat we doorgroeien naar 200 medewerkers.”
“Cyberveiligheid is en blijft een grote uitdaging.”
Over een mogelijk personeelstekort maakt Van Bolhuis zich nog geen zorgen. “Op dit moment komen we redelijk makkelijk aan gekwalificeerd personeel. Ook werken we veel met externen, bijvoorbeeld met het radiologisch laboratorium van het RIVM. We kunnen gewoonweg niet alle expertise in huis hebben. Dat geldt ook voor cyberveiligheid, een grote uitdaging voor zowel onze eigen organisatie als voor de organisaties die met radioactiviteit en straling werken. Gelukkig zien we dat cyberveiligheid steeds hoger op de agenda staat bij vitale aanbieders.”