Ga naar de inhoud

Vechtsportautoriteit strijdt voor regulering sector

Zaterdag 21 december vechten Badr Hari en Rico Verhoeven in de Gelredome om de wereldtitel kickboksen. Grote vechtsportevenementen als deze liepen in het verleden nog wel eens uit de hand. Er braken soms schietpartijen of gevechten uit en er was sprake van vermenging tussen boven- en onderwereld. Sinds 2017 houdt de Vechtsportautoriteit (VA) toezicht op de sector. Het doel: regulering van de ‘full contact vechtsporten’: kickboksen, muay thaiboksen en Mixed Martial Arts.

Rico Verhoeven en Badr Hari doen stare down

Nederlandse sporten zijn vaak via een bondstructuur georganiseerd: Leden betalen contributie aan een bond en de bond is op zijn beurt verantwoordelijk voor de organisatie en bepaalt de regels. De vechtsportsector zit anders in elkaar. Kickboksen, muay thaiboksen en Mixed Martial Arts zijn niet voldoende gereguleerd via een bond. In de praktijk houdt dat in dat er verschillende zelfbenoemde bonden en vechtsportorganisaties zijn, maar niet één organisatie die alle macht heeft. Na enkele incidenten bij vechtsportgala’s nam wijlen Eberhart van der Laan als burgemeester van Amsterdam het initiatief een vechtsportautoriteit op richten. Tweeënhalf jaar na de oprichting ervan vertelt bestuursvoorzitter Herbert Dekkers hoe de autoriteit ervoor staat.

“Binnen de drie sporten waar wij ons op richten is de organisatie tot nu toe te versnipperd.”

Waarom een autoriteit in plaats van een goed georganiseerde bond?

Dekkers: “Binnen deze sector is al vaak genoeg geprobeerd een bond op te richten. Het strandt telkens. Dat komt omdat iedereen een bond wil, maar óók zelf bondsdirecteur wil zijn. Er spelen te veel ego’s mee. Toch is het niet onmogelijk binnen de vechtsportsector. Er is namelijk wel een boksbond. Maar binnen de drie sporten waar wij ons op richten is de organisatie tot nu toe te versnipperd.”

Hoe is de VA georganiseerd?

“Ons bestuur bestaat uit zes mensen, die deze functie vrijwillig en parttime invullen. We hebben in het bestuur specialisten op alle cruciale onderdelen. Onder meer een strafrechtjurist, politicus en onderzoeker van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Zelf ben ik strategisch beleidsadviseur bij Omgevingsdienst IJmond. Naast een bestuur hebben we een tweekoppige raad van toezicht en een auditteam van bijna vijfentwintig mensen. Het auditteam is vergelijkbaar met het team van inspecteurs dat andere autoriteiten meestal kennen. Zij controleren of de organisaties waarop we toezicht houden de regels naleven. Wat we allemaal gemeen hebben, is dat we onafhankelijk zijn. We hebben geen belangen, zoals bijvoorbeeld een sportschoolhouder of promotor.”

“Echte misstanden laten we over aan het bevoegd gezag: gemeente, politie of justitie. Wij zijn alleen de ogen en oren.”

Draagt zo’n adviserende rol echt bij aan professionalisering van de vechtsportsector?

“Dat denk ik wel. Ons doel is om uniformiteit te creëren, en zo toe te werken naar een bondstructuur, zodat wij zelf weer kunnen verdwijnen. De wil is er gelukkig bij heel veel partijen, maar ingrijpende veranderingen doorvoeren kost nu eenmaal tijd. Met name oudgedienden zijn soms moeilijk te overtuigen. Zo willen we de minimumleeftijd verhogen waarop jongeren elkaar op het hoofd mogen raken. Hier bestond alleen een onduidelijke en niet-uniforme richtlijn voor. Vorig jaar hebben we het verboden voor jongeren onder de zestien jaar. Vanaf volgend jaar geldt dat verbod voor jongeren onder de achttien jaar. Voor de gezondheid van deze jongeren is dat ontzettend belangrijk, maar het heeft behoorlijk wat voeten in de aarde. Lang niet iedereen binnen de sector is het namelijk met deze maatregel eens. Op andere vlakken gaat het trouwens een stuk makkelijker. We adviseerden bijvoorbeeld Glory, de organisator van het gevecht tussen Hari en Verhoeven, om niet meer aan viptafels te doen – waar in het verleden vaak schimmige figuren plaatsnamen – en geen alcohol meer te schenken tijdens het evenement. Beide adviezen volgden ze op. Heel prettig, want daarmee laten ze zien dat ze serieus werken aan professionalisering van de sport.”

Hoe ziet jullie toezicht er over vijf jaar uit?

“Ik hoop van harte dat wij dan niet meer bestaan. Dat betekent namelijk dat onze missie is geslaagd en er een gereguleerde bond is, die staat voor een gezonde en veilige vechtsportsector. Glory is al prima georganiseerd, maar zij zijn ook wel de Champions League van de vechtsport. Eigenlijk ben ik nog trotser op een paar pareltjes die kicksportevenementen op breedtesportniveau organiseren. Die hebben het ondanks geringe financiële middelen heel goed voor elkaar. Hopelijk volgen andere hun goede voorbeeld, zodat wij overbodig worden. We zijn denk ik op de goede weg. We hebben al een speelveld en een scheidsrechter. Nu zijn we nog op zoek naar de juiste spelers die in de hoeken plaatsnemen.”

“Ik hoop van harte dat wij over vijf jaar niet meer bestaan. Dat betekent namelijk dat onze missie is geslaagd en er een gereguleerde bond is.”

Hoe houden jullie toezicht?

“We zijn geen reguliere toezichthouder, we doen dit voor de Nederlandse vechtsportwereld, omdat we die een warm hart toedragen. Daarom delen we bijvoorbeeld ook geen boetes uit bij regelovertredingen. Onze rol is vooral adviserend. Samen met bonden, gemeenten en vechtsportorganisaties hebben we een convenant vastgesteld met daarin spelregels over hoe we de sector veiliger, gezonder en beter georganiseerd krijgen. Het gaat erom wat zij nodig hebben om de branche te professionaliseren. Ons auditteam controleert vervolgens of die afspraken opgevolgd worden. Ieder evenement afgaan kan niet, daarvoor zijn er te veel evenementen. Daarnaast zijn er ook nog een hoop sportscholen die we moeten bezoeken omdat zij zich ook committeren aan de regels. Daarom werken we informatiegericht. We brengen alle evenementen en sportscholen in kaart en kijken naar hun track record. Een evenement waar het altijd goed gaat, krijgt minder snel met ons te maken. Is er iets niet in de haak, dan spreken we de verantwoordelijken erop aan en adviseren we hoe het beter kan. Echte misstanden laten we over aan het bevoegd gezag: gemeente, politie of justitie. Wij zijn alleen de ogen en oren.”

Handreiking voor gemeenten

Niet alleen de branche zelf, ook gemeenten zijn gebaat bij een goed georganiseerde vechtsportsector. Zolang er nog niet één aanspreekpunt is in de vorm van een officiële bond, helpt de Vechtsportautoriteit gemeenten op weg. Om hen inzicht te geven in de reguleringsmogelijkheden die er zijn, ontwikkelde de VA een handreiking voor gemeenten.