Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Slim samenwerken tegen taxironselaars

Slim samenwerken tegen taxironselaars

Ondanks een strengere Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Haarlemmermeer blijft de problematiek van taxironselaars op Schiphol hardnekkig. Waarom toch? Volgens oud-recherchechef Dick van Dop moet de samenwerking tussen boa’s, Marechaussee, politie en de luchthaven beter. Een strategie die sowieso verstandig is, gelet op de toegenomen aanwezigheid van boa’s in het publiek domein.

Dick van Dop

Al jaren zorgen zogenoemde taxironselaars bij Schiphol voor grote ergernis en problemen. Ze betalen niet voor een plek op de officiële standplaats, maar wachten ‘hun’ klanten op andere plekken op, om ze vervolgens naar hun auto of busje te leiden. Het maakt officiële taxibedrijven – die wél betalen voor de standplaats – woedend. Maar ook consumenten en luchthaven Schiphol zijn de ronselaars al tijden zat. Begin dit jaar kwam de gemeente Haarlemmermeer dan ook met aanscherping van de APV die het verbiedt om taxidiensten aan te bieden buiten de speciale taxistrook van Schiphol. Dit vermindert het probleem, maar drukt het niet volledig de kop in. De voornaamste oorzaak? “Beperkte bevoegdheden van boa’s in combinatie met andere prioriteiten van de Marechaussee”, denkt Dick van Dop, voorheen onder andere recherchechef en mede-initiatiefnemer van het boa-platform.
“De combinatie van beperkte bevoegdheden van boa’s met andere prioriteiten van de Marechaussee maakt het moeilijk om taxironselaars te laten verdwijnen.”

Boa’s met rug tegen muur

“De handhavende taak bij dit probleem ligt bij boa’s”, legt Van Dop uit. “Maar hun beperkte bevoegdheden maken het heel moeilijk om adequaat op te treden. Weigert een illegale chauffeur mee te werken, dan heeft een boa de politie of Marechaussee nodig om hem of haar aan te houden en over te brengen naar een plaats voor verhoor. Omdat het erg lang kan duren voordat iemand van de Marechaussee of politie ter plaatse komt, kan een confrontatie tussen een boa en een taxironselaar flink uit de hand lopen. Van Dop: “Niet zelden komt er fysiek geweld bij kijken. De boa staat dan met zijn rug tegen de muur. Hij mag niet buiten zijn boekje gaan, maar wil zichzelf en zijn collega’s natuurlijk wel beschermen. Het internet staat vervelend genoeg vol met video’s van dit soort situaties.”

Samenwerking als bestrijdingsmiddel

De schets van Van Dop laat zien dat boa’s ondersteuning nodig hebben van de Marechaussee en politie. Maar die hebben andere prioriteiten, zoals het beschermen van de luchtvaart tegen terrorisme. Een oplossing van het ronselaarprobleem ligt volgens Van Dop dan ook niet in constante paraatheid van Marechaussee en politie. Allereerst ziet hij een belangrijke taak voor Schiphol en de luchtvaartmaatschappijen. “Zij zouden net zoveel aandacht moeten schenken aan taxironselaars als aan zakkenrollers. Geef duidelijk aan waar de legale taxi’s staan. Laat stewards en stewardessen bij de landing waarschuwen voor ronselaars. Dat maakt consumenten alert én het verbetert het imago van Schiphol en de maatschappijen.”
“Boa’s worden steeds actiever en dat vraagt om goede koppeling met activiteiten van andere organisaties.”
Toch zorgen ook dit soort maatregelen er niet voor dat taxironselaars verdwijnen. Steeds bedenken ze weer iets om hun praktijken te kunnen blijven uitvoeren. Met een hesje aan met opdruk ‘official taxi’ of juist een net kostuum, zien consumenten je al snel als betrouwbare taxichauffeur. Van Dop pleit voor aanvullende controleacties, georganiseerd door boa’s, Marechaussee en de politie. “De capaciteit van de Marechaussee en politie laat het vast wel toe dat ze eens in de twee weken paraat staan. Boa’s kunnen dan ondersteund door politie of Marechaussee controles uitvoeren én direct hulp inschakelen als het aankomt op aanhouden. Dit natuurlijk in samenspraak met de desbetreffende gemeente. Ter voorbereiding op de controles zouden de boa’s informatie kunnen inwinnen bij de legale taxichauffeurs; die kennen vaak de tactieken van de ronselaars.”
Van Dop verwacht dat dit soort acties wel degelijk een afschrikkend effect hebben op de ronselaars. “De tijd van regels overtreden zonder sancties is voorbij en dat moeten ze voelen. Blijvend. Het heeft geen zin om één keer een controle uit te voeren; daarna komen ze gewoon weer terug. Nee, het moet structureel worden. Werk bijvoorbeeld ook met camera’s met gezichtsherkenning om ronselaars die hardnekkig volhouden in de gaten te houden. Het is net als met onkruid, dat moet je ook steeds weer bestrijden.”

Eén front tegen overtreders

Het probleem van taxironselaars laat zien hoe belangrijk samenspel tussen boa’s, Marechaussee, politie en gemeenten is. “Het nationale boa-platform wil dit op landelijk strategisch niveau verbeteren. Boa’s worden steeds actiever en dat vraagt om goede koppeling met activiteiten van andere toezichtsorganisaties. Informatieoverdracht is bijvoorbeeld heel belangrijk. Boa’s zijn veel op straat; de kennis die ze daar opdoen, is heel bruikbaar voor politie, Marechaussee en gemeenten. Maar ook door jaarplannen op elkaar af te stemmen, samen veiligheidsplannen op te stellen, op elkaar te vertrouwen en respect voor elkaar te houden, verbeteren we de samenwerking. We moeten samen een front vormen tegen overtreders.”

BOA Event

Eind november organiseert het boa-platform een driedaags congres waarop best practices op dit gebied behandeld worden. “Om elkaar te leren kennen en om te leren van de succesverhalen”, vertelt Van Dop. Meer informatie is te vinden op http://www.boaevent.nl/.