Toezine

Wekelijkse verdieping voor professionals in toezicht, handhaving en inspectie

Bezig met laden...
Toezicht en innovatie: wat zijn de spelregels?

Toezicht en innovatie: wat zijn de spelregels?

In een snel innoverende wereld wordt de rol van toezichthouders anders, maar niet minder belangrijk. Dat zegt Peter van der Knaap in zijn column in aanloop naar het Vide Jaarcongres op 19 april. “We kunnen niet zonder innovatieve technologie. En dus ook niet zonder goed, responsief en innoverend toezicht.”

Peter van der Knaap is directeur van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) en sinds 2016 voorzitter van Vide, de beroepsvereniging van professionals in toezicht, inspectie, handhaving en evaluatie.

Vroeger heb ik veel gebasketbald. Mooie sport. Snelle uitbraken, heftige acties onder de basket. Flink wat overtredingen bovendien; ik liep aardig wat bloedneuzen op. Er werden ook veel vernieuwingen doorgevoerd om de sport aantrekkelijker te maken. Zoals de driepuntenregel bij afstandsschoten, een maximale aanvaltijd en nieuwe lijnen in het veld. Voor de spelers, maar zeker ook voor de scheidsrechter, waren deze innovaties behoorlijk wennen.
Zo is dat tegenwoordig ook voor toezichthouders. We leven in een tijd van technologische vernieuwingen die elkaar in hoog tempo opvolgen. Hightechbedrijven veroveren traditionele markten met nieuwe producten en diensten. In plaats van adviseurs voorzien tegenwoordig computers klanten van beleggingsadvies. De zorg gebruikt software om tumoren op te sporen. De vervoer- en transportsector zet steeds meer in op autonoom rijdende voertuigen. Bedrijven moeten nou eenmaal innoveren om te overleven. Maar dat heeft grote gevolgen voor het werk van toezichthouders. Want hoe houd je toezicht op iets dat je niet begrijpt, simpelweg omdat het nieuw is?
Hoe houd je toezicht op iets dat je niet begrijpt, simpelweg omdat het nieuw is?

Het publieke belang voorop

Wat mij betreft staat het algemene, publieke belang altijd voorop. Zeker wanneer een technologische innovatie per saldo positief uitpakt voor de veiligheid, gezondheid of welzijn van burgers. Vragen die toezichthouders moeten stellen, zijn bijvoorbeeld: Wat is precies het oogmerk van de innovatie? Binnen welke randvoorwaarden kunnen we die verbetering dichterbij brengen? Past het binnen de spelregels of zijn er juist wetten en regels die in de weg staan? Hierin kunnen overheden en overheden goed samen optrekken. Een goed voorbeeld daarvan is de ‘Europese innovatiedeal’ voor duurzame energie. Bedrijven en overheden brengen daarbij samen belemmeringen in Europese milieuregels voor de opslag van zonne-energie in elektrische auto’s in kaart. Dit onderzoek is van groot belang om de Europese regelgeving te kunnen moderniseren.

Gebruik experimenten

Verder pleit ik voor een afgebakende fase om te experimenteren en lessen te trekken. Alleen dan is goed te beoordelen of de voordelen inderdaad groter zijn dan de nadelen. Meerdere toezichthouders zien dit belang gelukkig ook. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandsche Bank (DNB) stellen in hun ‘maatwerkbenadering’ van innovatie bijvoorbeeld dat een concept voldoende uitgewerkt moet zijn om het toe te passen in een realistische omgeving. Ook moet volgens AFM en DNB duidelijk zijn wanneer een proefperiode wordt beëindigd. Daarmee voorkom je dat je wordt meegezogen in een ontwikkeling die je niet meer kunt stoppen.

Meer ellende voorkomen

Kortom: in een snel innoverende wereld wordt de rol van toezichthouders anders, maar niet minder belangrijk. Want of het nu gaat om nieuwe financiële producten, ziekenhuiszorg of door techniek gestuurde productieprocessen: Wie controleert of het goed en veilig werkt? Hoe zitten die computeralgoritmes eigenlijk in elkaar? Wat betekent het als robots uitgaan van verkeerde veronderstellingen? Kunnen partijen misbruik maken van de gegevens die ze verzamelen? In tegenstelling tot scheidsrechters kunnen toezichthouders meer ellende voorkomen dan alleen af en toe een bloedneus.

Een grote uitdaging

Desondanks denk ik dat innovatie en toezicht nooit liefde op het eerste gezicht zullen zijn. Want laten we eerlijk zijn: wanneer het vaststellen van naleving van wet- en regelgeving je kerntaak is, vormen innovatieve technologieën een grote uitdaging. Dat geldt al helemaal als er kan worden valsgespeeld. ‘Mechanische doping’, oftewel het stiekem aanbrengen van motortjes in racefietsen, levert de internationale wielerunie UCI bijvoorbeeld hoofdbrekens op.
Het is belangrijk dat het toezicht de nieuwe technologieën ook zélf benut.
En toch: er is geen alternatief. Voor meer veiligheid, duurzaamheid en welzijn, maar ook om als land internationaal competitief te blijven, kúnnen we niet zonder innovatieve technologie. En dus ook niet zonder goed, responsief en innoverend toezicht. Daarbij is het belangrijk dat het toezicht die nieuwe technologieën ook zélf benut. In veel sporten wordt inmiddels gewerkt met doellijntechnologie of – prachtig woord voor toezicht – ‘Hawk-Eye’: een computersysteem dat de baan van de bal volgt. De internationale wielerbond UCI zet een mobiel röntgenapparaat in om fraude met motortjes op te sporen. Toezicht op innovatie: het kan dus wel.

Het Vide Jaarcongres

Het Vide Jaarcongres is op 19 april en heeft als thema ‘Technologie en toezicht, toezicht op technologie’. Bekijk de website voor meer informatie.