Inspectiediensten hebben te maken met grote uitdagingen. Denk aan politieke bemoeienis, maatschappelijke druk en digitalisering. Daarom is er nu het programma Top Toezichthouders. Een opleidingstraject waarin de top van de inspecties samen leert en vooral ook samenkómt. Want, zo laat de pilot zien, met het delen van kennis en ervaringen valt een wereld te winnen.

Aanvankelijk zou hij helemaal niet aan de pilot meedoen. Hij had een collega gevraagd te gaan. Omdat die op het laatste moment niet kon, besloot Henk Korvinus, inspecteur-generaal van de Inspectie Justitie en Veiligheid, zelf deel te nemen. “Daar heb ik geen moment spijt van gehad. Ik heb het programma mede geïnitieerd, dan is het goed om het zelf te ervaren. Vooral dat je het traject met collega’s van andere inspecties volgt, is zeer waardevol.”
Een passend programma
Daarover zo meer. Eerst naar het begin. In januari 2022 begint een groep van zo’n vijftien (plaatsvervangend) inspecteur-generaals en directeuren aan de zes maanden durende pilot Top Toezichthouders. “Dit programma past binnen de lijn die we in 2016 met opleidingen gestart zijn”, zegt Ytzen Renema, senior adviseur Leren en Ontwikkelen bij de Inspectieraad, initiatiefnemer van het programma. “We hebben een basisopleiding voor nieuwe inspecteurs en een opleiding voor strategische toezichthouders. En nu is er dus ook een traject voor de top van inspecties. Het inspectiewerk wordt complexer en steeds vaker zijn meerdere toezichthoudende partijen betrokken bij een inspectie. Dan helpt het als je elkaar en elkaars domein kent. En zo mogelijk ook op dezelfde manier werkt. Dit programma draagt daaraan bij.”
“We hebben behoefte aan meer samenwerking op essentiële punten voor effectief toezicht.”
Inspecties bij elkaar brengen
De deelnemers krijgen tijdens het traject beter inzicht in nationale en internationale trends in toezicht en leren hoe je een probleem welhaast klinisch ontleedt. Ook gaan ze aan de slag met strategische onderwerpen en vraagstukken. “We zoomden onder meer uitgebreid in op de rol en werkwijze van de verschillende inspecties, de interactie met de media en onze onafhankelijkheid”, zegt deelnemer Francine Kiewiet de Jonge, directeur Staatstoezicht op de Mijnen. “Alle inspecties maken deel uit van een ministerie, maar hoe die relatie precies vormgegeven is, daarin zitten grote verschillen. Daarnaast hebben we behoefte aan meer samenwerking op essentiële punten voor effectief toezicht. Door het programma Top Toezichthouders zijn we dichter tot elkaar gekomen en kunnen daarom makkelijker samen optrekken.”

Volgens Korvinus worden uitvoerende instanties stelselmatig overvraagd door de politiek. “We zien het bij de opvang van migranten, bij de zorgtoeslagenaffaire en bij gedupeerden van de gaswinning in Groningen. De politiek legt het op het bordje van de uitvoerende instanties, zij gaan aan de slag en krijgen vervolgens de schuld als het niet goed loopt. De politiek reflecteert niet op het eigen handelen. Ook is er geen overleg tussen politiek en uitvoering over de precieze vraag – wat moet er bereikt worden? – en de te realiseren aanpak. Voor toezichthouders op deze uitvoerende instanties is het de vraag hoe je daar op een goede manier aandacht voor kunt vragen. Door dit met de inspecties onderling te bespreken, ontstaan nieuwe inzichten en ideeën.”
“We vinden elkaar nu makkelijker als er iets speelt. Sinds het traject heb ik al een paar keer met een collega-bestuurder gebeld om te sparren.”
De kracht van dialoog benutten
Daarmee zijn we terug bij de eerdere opmerking van Korvinus, over hoe waardevol het is dat de top van alle inspecties aan dit programma deelneemt. Kiewiet de Jonge is het met hem eens: “De dialoog is daarbij een belangrijk onderdeel. Hoe kunnen we elkaar versterken, wat kunnen we van elkaar leren? Onze inspectie heeft bijvoorbeeld een relatiestatuut met Economische Zaken. Daarin staan afspraken over hoe we rolzuiver met elkaar omgaan, bijvoorbeeld als het gaat om inbreng voor beleidsvorming en wetgeving, advisering aan de minister en communicatie. Dit statuut is uitgebreid besproken. Misschien kunnen andere inspecties hiermee hun voordeel doen.” Daarnaast leer je elkaar tijdens de cursus goed kennen, zegt ze. “We vinden elkaar nu makkelijker als er iets speelt. Sinds het traject heb ik al een paar keer met een collega-bestuurder gebeld om te sparren. Ook wissel je makkelijker mensen uit: ik heb tijdelijk een data-analist nodig, heb jij misschien iemand?”
In elkaars keuken kijken
Interessant vond Korvinus de ‘date’ met een collega. “Tijdens het programma hebben we meegelopen bij een andere inspectie”, zegt hij. “Ik ben bij de douane geweest. Het was leerzaam om te zien hoe ze daar keuzes maken. Welke container bekijken we wel, welke niet, hoe voorkomen we vooroordelen, hoe blijf je scherp met elkaar? Ik vond het heel verhelderend.” Francine Kiewiet de Jonge ging naar de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). Ook zij vond het een interessant kijkje in de keuken. . “Ik heb geleerd hoe de NEa Nederland helpt de klimaatdoelstellingen te bereiken met hun toezicht op emissiehandel en met een CO2-heffing. Heel interessant, ook voor ons. Ik ga zeker nog een keer praten.”
“De evaluatie moet nog worden afgerond, maar gezien de reacties van de deelnemers aan de pilot ga ik er vanuit dat het programma een blijvertje is.”
Samen slim optrekken
Beide topbestuurders kijken terug op een leerzaam traject. Kiewiet de Jonge: “We zijn allemaal ontzettend druk en hebben nauwelijks tijd om stil te staan bij de nieuwe golf aan ontwikkelingen die op ons afkomt. Denk bijvoorbeeld aan de verdergaande digitalisering. Daar moeten we als inspecties samen slim mee omgaan. Dit programma helpt daarbij.” Ze raadt nieuwe bestuurders aan om het ook te volgen. “Je bent even weg van je eigen werk. Je staat op afstand. Dat is gezond, het komt je werk ten goede. Het is bovendien nog leuk ook.”
Deelnemers gaan door
Is het programma Top Toezichthouders een blijvertje binnen het leeraanbod van de Inspectieraad? “De evaluatie moet nog worden afgerond”, zegt Ytzen Renema. “Maar ik ga er wel vanuit, gezien de reacties van de deelnemers.” Die zijn enthousiast, geeft Korvinus aan. “Wij gaan sowieso door met de club die de pilot heeft gevolgd. We hebben al een aantal inspiratiebijeenkomsten gepland om verder te leren.”
Professionele ontwikkeling
Dit artikel is het tweede in een reeks van drie over professionele ontwikkeling. Het eerste ging over cultuurgericht toezicht, het derde artikel gaat over toezicht met gezag.