Ga naar de inhoud

Hoe de surrogaat-inspecteur de media beïnvloedt

Het zijn zogenoemde surrogaat-inspecteurs: organisaties en burgers die inspecties aansporen in te grijpen als dat nodig is. Wat is hun invloed op de manier waarop media schrijven over toezichthoudende instanties? Julia Wesdorp van Erasmus Universiteit Rotterdam doet er promotieonderzoek naar. “Journalisten vinden surrogaatinspecteurs interessant.”

Stapel kranten met computerscherm

Het gezag van inspecties en toezichthouders is niet meer vanzelfsprekend. In het verleden konden ze zich eenvoudig beroepen op regels en hun deskundigheid. Tegenwoordig krijgen ze meer tegenspraak, moeten ze zich verantwoorden en hangt hun reputatie af van hoe ze problemen oplossen en in de media komen. “Toezichthouders hebben te maken met een complex netwerk van stakeholders, zoals burgers, politici, belangenorganisaties en media”, zegt Wesdorp. “Die kunnen zich allemaal ontpoppen tot surrogaat-inspecteur.”

In de praktijk zijn daar veel voorbeelden van. Zo diende een bewonersvereniging in Twente een handhavingsverzoek in bij het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) om afvalwaterinjecties in hun omgeving te stoppen. De vereniging onderzocht zelf de injecties, startte een petitie en stond meerdere malen tegenover de Nederlandse Aardolie Maatschappij en de SodM in de rechtbank. De FNV concludeerde na eigen onderzoek dat de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) niet goed handhaafde op rij- en rusttijden van chauffeurs. De vakbond diende een handhavingsverzoek in, waarna de ILT van de rechter aan de bak moest. En de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) ging op nadrukkelijk verzoek van Wakker Dier beter toezien op hittestress bij kalveren.

Julia Wesdorp
Julia Wesdorp

Toezicht met Gezag

Het onderzoek van Julia Wesdorp is onderdeel van Toezicht met Gezag. Dit project onderzoekt wat de bepalende factoren zijn voor publiek gezag, wat toezichthouders kunnen doen om hun reputatie positief te beïnvloeden en wat het effect van de reputatie van toezichthouders is op de naleving van regels. Het project wordt uitgevoerd door Universiteit Utrecht en Erasmus Universiteit Rotterdam, in samenwerking met de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), DCMR Milieudienst Rijnmond, Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) en Autoriteit Consument & Markt (ACM).

2.700 nieuwsberichten geanalyseerd

Surrogaat-inspecteurs kunnen er dus voor zorgen dat een inspectie of toezichthouder actie onderneemt. Wesdorp onderzocht ook of ze invloed hebben op de manier waarop media schrijven over toezichthoudende instanties. Daartoe spitten ze regionale en landelijke dagbladen tussen 2010 en 2022 door. “We hebben over elk van de vijf toezichthouders in ons samenwerkingsverband (zie kader, red.) en de Autoriteit Persoonsgegevens 450 artikelen geanalyseerd. In totaal dus 2.700 nieuwsberichten. In ieder verhaal hebben we een aantal aspecten bekeken: wordt er een surrogaat-inspecteur genoemd? Is de toon neutraal, negatief of positief? Is het verhaal bijvoorbeeld persoonlijk of emotioneel, oftewel: vertelt een slachtoffer bijvoorbeeld over leed dat hem overkomen is – of zet de journalist twee partijen tegenover elkaar? Al dat soort zaken hebben we gecodeerd.”

“Journalisten gebruiken surrogaat-inspecteurs om wellicht wat taaie kost over toezicht aantrekkelijker en begrijpelijker te maken.”  

Bij een kwart van de artikelen bleek een surrogaat-inspecteur in het spel. Meestal ging het om een maatschappelijke partij, mediabedrijf, onderzoeksorganisatie of groep burgers. Als zo’n surrogaat-inspecteur aanwezig is, dan heeft het verhaal een duidelijk andere toon, concludeert Wesdorp. “Het artikel is dan negatiever dan wanneer zo’n surrogaat-inspecteur ontbreekt. Ook kiest de journalist vaker voor een conflictsituatie waarin hij partijen tegenover elkaar zet. Je kunt stellen dat journalisten de surrogaat-inspecteur interessant vinden; ze gebruiken die om wellicht wat taaie kost over toezicht aantrekkelijker voor de lezer te maken.”

Invloed op reputatie toezichthouder

Ontbreekt er een surrogaat-inspecteur – in 75 procent van de geanalyseerde verhalen – dan is de toon neutraler, stelt de promovendus. “Een journalist schrijft dan meestal beschrijven, zonder een sterke positieve of negatieve toon. Zoals: ‘Inspectie X heeft ingegrepen bij bedrijf Y.’” Wesdorp keek ook of de toon in de berichtgeving in de loop der jaren veranderd is. “Er wordt wel gezegd dat media negatiever zijn geworden. Maar in de verhalen die wij gelezen hebben, zien we dat niet terug. De toon is tussen 2010 en 2022 aardig stabiel gebleven.”

“Surrogaat-inspecteurs kunnen zaken oppikken die inspecties over het hoofd hebben gezien.”

Het zijn de eerste conclusies van het onderzoek van Wesdorp. De komende tijd onderzoekt ze onder meer de invloed van surrogaat-inspecteurs op social media en op de burger. Of de berichtgeving in de media en de aanwezigheid van een surrogaat-inspecteur invloed hebben op de reputatie van een toezichthoudende instantie, kan ze nog niet zeggen. “Binnen Toezicht met Gezag loopt een aantal onderzoeken. Ik focus me op de surrogaat-inspecteur en  andere (f)actoren binnen het netwerk rondom de toezichthoudende instantie, zoals de media. Mijn collega’s richten zich op de burgers en ondertoezichtstaande bedrijven. In 2026 zijn alle onderzoeken afgerond en kunnen we conclusies trekken over reputatie: welke factoren zijn van invloed, wat is het effect van de reputatie van toezichthouders op naleving en wat kunnen ze doen om hun reputatie te verbeteren?”

Samenwerken met surrogaat-inspecteurs

Inspecties kunnen nu al werken aan hun relatie met surrogaat-inspecteurs. “Alle inspecties zien het belang van de deze surrogaat-inspecteurs en beseffen dat ze invloedrijk kunnen zijn. Maar sommige toezichthouders vinden het lastig om met hen om te gaan. Terwijl je er ook je voordeel mee kunt doen. Surrogaat-inspecteurs kunnen zaken oppikken die jij als inspectie over het hoofd hebt gezien. Sta daarom open voor hun perspectief en bekijk wat de mogelijkheden zijn om samen op te trekken.”

Daarnaast adviseert Wesdorp om als inspectie open en eerlijk te zijn. “Surrogaat-inspecteurs kennen waarschijnlijk niet alle ins en outs. Leg helder en transparant uit waarom je iets wel of juist niet doet. Het kan tot begrip en nieuwe inzichten leiden.”